Coronapuinzooiellendetroep.’

(Door Marga de Graaf, bibliothecaresse te Bellingwolde)

Moeder. Iedere dag ga ik met mijn 91-jarige moeder naar het Universitair Medisch Centrum in Groningen. Ze heeft een kwaadaardige tumor op haar wang die ze daar met gammastralen te lijf gaan, naar nu blijkt - met succes, voorlopig. Zwaar voor haar en spannend voor ons. Moeders realiteitszin is ver weg, die van ons heel dichtbij.
      Ondertussen draaien ‘mijn’ vrijwillige medewerkers de bieb vol gas en toewijding. Ze worden door onze klanten regelmatig verrast met doosjes Merci chocolade.

Als de bestralingstijden gunstig ingepland kunnen worden met de openingstijden van de bieb, ben ik óók daar op de werkvloer te vinden. Een welkome afleiding in deze onrustige tijd. Dat ik zo kan werken is mede te danken aan mijn fantastische team. ’s Avonds werk ik thuis de overige zaken af achter mijn pc.

Dinsdag

        

Dick en Paul. De computercursus KLIK & TIK wordt door deze twee mannen professioneel begeleid en loopt lekker vol. En….als je zit mag je mondkapje af. Een ware verademing, zeker voor oudere mensen. De spatschermen doen ook weer hun werk.

 

Woensdag

Dennis. Mijn collega op de service-organisatie in Groningen let op de centen. Hij verwerkt onder andere de geldstromen van alle bibliotheken in de provincie Groningen. Dennis is 1.95 lang, staat stevig in zijn stoere leren wandelschoenen en met zijn blonde haren op zijn guitige hoofd zie je het gelijk: een vrolijke vent met veel humor.

      Sinds de Corona-epidemie is er in de bibliotheken en ook achter de schermen veel veranderd. Evenzo voor Dennis. Bibliotheken dicht - bibliotheken open. Wel kas-inkomsten - geen kas-inkomsten - wel pintransacties - geen pintransacties. Hierover stelde ik Dennis onlangs een vraag en kreeg het onderstaande antwoord.

 

 

 Nu maak ik me toch ietwat zorgen om zijn stress-level, dat komt door zijn mailtje - hij bedacht een nieuw woord: ‘Coronapuinzooiellendetroep.’ Zijn frustratie springt van m’n scherm, dit is geen normale uitspraak van de opgeruimde man die ik ken. Hij gaat toch niet ten onder aan ……. Volgende week maar eens even met hem telefoneren. Bij de kernwoorden op ons intranet staat bij zijn profiel nog steeds dat ik hem ‘eigenlijk overal wel voor’ kan bellen.

Om dan gierend van de lach de telefoon neer te leggen, zoals we altijd deden voor die …………….

 

Donderdag

Thea. November is onze Nederland Leest maand. Voor ons bibliotheekteam normaal gesproken een drukke maand met heel veel bezoekers. Wij mogen dan een boek cadeau geven aan onze klanten - gegarandeerd vrolijke dankbare gezichten. Dit jaar is het rustig, zo rustig was het nooit. Weinig mensen vragen om het gratis boek, waar is iedereen? Het evenement leeft niet onder onze klanten. De PR voor dit bibliotheekfeestje laat dit jaar te wensen over, niks op de radio - niks op de tv, niks op social media. Alles draait om ……………

       

Blij verrast hoor ik daar plots een bekende stem.

      Thea komt binnen lopen - diep weggedoken in haar donkerbruine winterjas -, haar mondkapje hangt een beetje losjes onder haar bril waardoor deze beslaat. Ik herken haar aan haar stem. Zij mij aan de mijne. Ik heb haar anderhalf jaar niet gezien in de bieb. Ze spreekt me aan en vraagt als eerste: ‘Ga je dit jaar nog een Literair Diner organiseren?’ Thea was hierbij altijd een trouwe bezoeker, ze genoot van de gedichten en het lekkere eten. Met spijt in mijn hart moest ik ontkennend antwoorden. Coronapuinzooiellendetroep dacht ik stilletjes.… Het was haar duidelijk, de reden waarom niet, ook.

      Haar tweede vraag: ‘Mag ik dan misschien wel het boek van Adriaan van Dis?’ Kan ik haar toch nog een beetje blij maken, hoe fijn. We babbelen nog wat en daar gaat ze weer, met het boek-cadeautje in haar zwarte leren van-alles-en-nog-wat-tas. Het boek zit gezellig naast de prei - die piept nog net met z’n witte pruikenbol boven het randje van de sjieke shopper uit.


Vrijdag


Evelien. In mijn kantoor staat een krat maandverband en tampons te wachten.

De actie BLOEDSERIEUS is voorbij. In het zwarte boekenkratje zit de opbrengst van de bibliotheek in Bellingwolde. Ik WhatsApp Evelien om te vragen of ze de oogst wil ophalen. Een half uur later waait ze enthousiast binnen. ‘Jij bent vlot’, ontvang ik haar. ‘Tijd voor een kopje thee?
      ‘Ander keertje graag’, zegt ze,’Ik kom net uit Delft, heb mijn moeder bezocht en mijn zoon zit nog in de auto.’ ‘Morgen breng ik deze pakketjes naar Winschoten, naar de voedselbank. We praten nog wat over de plaatselijke politieke beslommeringen, haar ambities en onze fijne samenwerking.
      ‘Reuze bedankt!’ ‘Tot gauw!’ ‘Dag Evelien!’

           

 

Handwerkcafé-middag

Vrijdagmiddag is Handwerkcafé-middag. Onze duizendpoot Dity is de drijvende spil achter deze verbindende activiteit. De brei- en haakdames brengen licht met zich mee, ze maken zich niet zo druk om de huidige realiteit. De een is slechthorend, de ander kwakkelt wat met haar gezondheid. Hoe en wat dan ook, ze genieten van het samen breien, thee drinken en bonbons snoepen. Op de achtergrond hoor ik rustgevend getik van breipennen afgewisseld door lachsalvo’s. Plezier voert de boventoon.

 

 Als je zit mag je mondkapje af.

De rechter pompoen met het oplichtende buikje doet me denken aan collega Dennis.

      Ik zou de pop naar hem willen opsturen met de tekst TEAMS-vergadering: ‘is het de bedoeling dat ik mijn manager naar rechts swipe?’ Galgenhumor onder collega’s, slaat nergens op maar is soms best lekker…………

Zal ik?


      
      

 

          Klik HIER voor alle biebverhalen