Edda; monument in IJslandse literatuur

Het was januari 1995 en het was koud. Reykjavik, hoofdstad van IJsland. We waren in een muziekwinkel geweest in de drukste straat van de stad, de Laugavegur. Vandaar was het naar hotel Holt aan de Bergstaðastraeti niet meer dan 300 meter. Ineens begon het verschrikkelijk hard te sneeuwen. Het zicht was minder dan een meter. Wij vluchtten terug die winkel in. En daar raakten we in gesprek met de eigenaar.
      Hadden wij bijvoorbeeld de Edda gelezen, het epos van de Noordse mythologie en het beroemdste werk uit de IJslandse literatuur?
Dat trof, want ik had dat boek bij me. Het was namelijk net verschenen in de Nederlandse vertaling van Marcel Otten. Ik had die man daarover geïnterviewd voor de VPRO-Radio. Dat beviel de eigenaar wel.

    Maar wisten wij bijvoorbeeld ook, dat proza en poëzie uit de Edda gezongen werd. En wisten wij, dat er nog steeds IJslanders waren die het uit hun hoofd konden zingen of voordragen. Sveinbjörn Beinteinsson bijvoorbeeld.

     Wij kochten de CD en probeerden na een uur ons hotel te bereiken. Er lag zeker een halve meter sneeuw. Glibberend en met de hand aan de muren bereikten wij ons hotel. Wij namen een borrel. Een Hollandse, want die hadden we meegenomen. IJslandse drank was namelijk niet te betalen. Een fles Wodka deed daar toen zo'n 80 gulden. En… we zetten de muziek op.
Luister eerst een stukje naar Beinteinsson en dan leg ik uit, waar dit allemaal over gaat.

     Hij zingt de Völuspá, het visioen van de zieneres. Daar begint de Edda mee. Het is één van de belangrijkste IJslandse sagen. Een mengeling van historische feiten, mythen en sprookjesmotieven. Het ontstaan en het verloren gaan van de godenwereld wordt erin beschreven en er wordt een nieuwe wereldorde voorzien. Dat laatste gaat gepaard met veel geweld. Een strofe:

          

         Broers bevechten elkaar, slachten elkaar af
                verwanten zullen hun banden breken;
                 hard is de wereld, hoererij regeert,
       een tijd van bijlen, zwaarden, splijtende schilden,
           van winden en wolven eer de aarde kantelt
               geen enkel mens zal de ander nog sparen


Aardig actueel lijkt me voor een visioen dat rond 1200 werd geschreven..

 
Laugavegur in de winter

  

 

 Klik HIER voor alle muziekborrels

                                                                   ©2016 Ronald van den Boogaard