Sars & Corona

Ik weet een beetje hoe het moet voelen om als mogelijke Corona-verdachte terug te keren naar eigen land.
      Dat komt zo.

In maart 2003 was ik in Hongkong, toen daar een mysterieuze ziekte uitbrak. Korte berichten in de kranten. Speculaties op radio & T.V. Iedere dag gingen er meer mensen met mondkapjes rondlopen. Maar van paniek was nog geen sprake. Op de laatste dag dat ik er was werd bekend dat het een virusziekte was, die de naam SARS kreeg.
      Toen ik de volgende dag in het vliegtuig stapte op weg naar Nieuw-Zeeland kregen wij een formulier met de informatie, die op dat moment over de ziekte beschikbaar was. Het was behoorlijk verontrustend.

      Wij maakten een tussenlanding in Auckland en daar stapten gewoon nieuwe passagiers in. Niemand had een mondkapje voor. En bij de eindbestemming in Wellington vreesden wij voor strenge controles. Maar dat viel mee.
      Er werd natuurlijk gecontroleerd en alle etenswaren moesten worden ingeleverd. Verder niets eigenlijk.
Geen gezondheidscontroles of afzondering; laat staan quarantaine.

Ik zou acht dagen in Nieuw-Zeeland blijven en dan via Hongkong terug naar Nederland vliegen. In Hongkong, het epicentrum van de SARS moest ik overstappen. Een uur of vier heb ik toen op dat vliegveld doorgebracht. Vrijwel alle mensen hadden mondkapjes voor. In een hoek was een stand waar je die dingen kon kopen. Dat heb ik toen ook maar gedaan.

      Bij terugkeer in Nederland bleven mensen bij mij uit de buurt. Op mijn werk was ik niet welkom. Bij mijn familie bleef ik weg. Het nieuws volgde ik goed en de ongerustheid nam toe, toen bekend werd dat er inmiddels honderden doden waren in Hongkong. Een hoestje, een kuchje, een pijntje; op alles ga je letten.
      Na tien dagen vrijwillige opsluiting begaf ik me maar weer onder de mensen. Ze zagen niets aan me. Ik werd niet uitgekotst laat staan gestenigd. Maar het beeld van behoedzame en zelfs terugdeinzende mensen die op de hoogte waren,  zal ik niet licht vergeten.   


Goedemorgen!