Omaatjesvlees

Vroeger bij ons thuis kwam vrijwel iedere zondag suddervlees op tafel. Mijn vader, die slager was, had iets andere opvattingen over de wijze van klaarmaken dan mijn moeder.

Bijvoorbeeld: welk vlees gebruiken we?
      Mijn vader had een voorkeur voor dikke riblappen, die in dobbelstenen werden gesneden.
      Mijn moeder gebruikte sukadelappen. Rundvlees uit de schouder met een lekker vetrandje. Die lappen werden niet gesneden. 

Heel veel jaren ervaring en veel variëren hebben mij dit favoriete recept opgeleverd.

Neem voor vier personen zeven tot acht ons sukadelappen. Laat ze een paar uur marineren in wat olijfolie en limoensap, een fijngeknepen teentje knoflook, in een droge pan geroosterde zaadjes van koriander, fenegriek en zwarte peper, die in een vijzel tot poeder zijn gemaakt.

Het vlees aanbraden in olijfolie. Niet dichtschroeien.
      Het vlees eruit halen ; twee fijngesneden rode uitjes en twee fijngemaakte knoflookteentjes in de olie fruiten. Daarna een in partjes gesneden preitje, een halve in ringen gesneden winterwortel en gesneden bleekselderij toevoegen en roerbakken.

Hierop worden de sukadelappen gelegd. (Ze mogen niet op de bodem van de sudderpan komen).

Dan komt de vraag welke vloeistof er bij gaat. Vroeger was dat natuurlijk gewoon water, maar het lekkerst vind ik blond of donker Belgisch bier. (Grimbergen Trappist of West-MalleTripel). Heel lekker is het ook met half water;half rijstwijn.     
     Er gaat zoveel vocht bij dat de bovenkant van het vlees net niet onder staat.
Takje laurier erbij, twee kruidnageltjes , staafje kaneel en langzaam aan de kook brengen.

Daarna moet het vlees heel zacht sudderen. Op het gasfornuis een verdeelplaatje gebruiken. De deksel op de pan. Als het toch te hard gaat, de deksel schuin op de pan doen. Zo’n vier uur laten sudderen. Het vlees niet draaien, zodat het malse vlees onder een licht korstje zit.
     Als je nog over een ouderwets petroleumstel beschikt gaat het helemaal fantastisch.

Een lekkere aardappelpuree erbij, een gestoofd peertje, rode kool met appeltjes. Nog iets groens. Bijvoorbeeld knapperige peultjes. 

      En.. Ik zou er dan ook maar een Trappist bij drinken.

Ik geef toe dat het een nogal persoonlijk fusiongerecht is, maar als u andere recepten zoekt, ga dan bijvoorbeeld naar de site van het Draadjesvleesgenootschap. Dat bestaat echt.