Media
- Details
- Hoofdcategorie: Media (502)
- Categorie: Media
De vrolijke begrafenis van Wereldnet
De Wereldomroep houdt na 65 jaar dus op met uitzendingen in het Nederlands. De bezuinigingen hebben daarvoor gezorgd.
Vanavond vanaf 10 uur verzorgt de omroep haar eigen vrolijke begrafenis in een Marathonuitzending van 24 uur, die ze al bij voorbaat historisch noemt.
Uw speciale aandacht vraag ik voor de uitzending morgen 11 mei tussen 12.00 en 13.00 uur.
De LAATSTE keer Wereldnet, een programma dat Ton van der Graaf en ik op een achternamiddag in de file bedachten.
Burgercorrespondenten uit de hele wereld aan het woord die praten over lokaal nieuws dat hier nooit de krant haalt. Maar ook over hun eigen besognes, gedachten en persoonlijke ervaringen, Op die manier kunnen ze vergelijkingen met anderen maken.
Een simpele maar uiterst trefzekere formule, die model stond voor het latere VPRO-televisieprogramma Metropolis.
Ton & ik zullen aan die laatste uitzending meedoen.

Baai van Kotor Montenegro; gefotografeerd vanaf "The Ladder", de meest bochtige weg ter wereld
De eerste keer & de laatste keer
Tenminste dat hoop ik, want ik ben op die tijd onderweg van Kotor in Montenegro naar Konjic in Bosnië-Herzegovina. En of ik daar mobiel te bereiken ben is nog maar de vraag. Het komt een beetje overeen met de allereerste uitzending op 6 januari 1997, toen wij absoluut niet wisten met wie we wel of niet verbinding zouden krijgen.
En zo ja: of dat allemaal wel uitzendbaar zou zijn.
We hadden wel wat gerepeteerd, maar de resultaten waren nogal verschillend en tegenstrijdig.
Het zou jaren duren voordat we echt vlekkeloze uitzendingen gingen verzorgen. Dat kwam vooral door de opkomst van satelliettelefoons, die de kwaliteit sterk verbeterden.
Het programma kende in die ruim vijftien jaar een turbulente geschiedenis waar ik al eerder over schreef:
Media 36: Omroepgekkenhuis Hilversum en
Media 49: De doorstart van Wereldnet.
Hoe u vandaag kunt luisteren?
Als u geen wereldontvanger met korte golf heeft en ook geen schotel op uw dak heeft geinstalleerd, zou ik het gewoon online beluisteren.
Dan krijgt u er nog beeld bij ook.
En wat er in die 24 uur allemaal gebeurt leest u HIER.
Correspondentennet van Wereldnet

- Details
- Hoofdcategorie: Media (502)
- Categorie: Media
Het einde van Wereldnet
De Wereldomroep houdt na 65 jaar op met uitzendingen in het Nederlands. De bezuinigingen hebben daarvoor gezorgd.
Van de 350 medewerkers blijven er 81 over.
Van donderdagavond 10 mei om 10 uur tot de volgende avond 10 uur verzorgt de omroep zijn eigen begrafenis in een Marathonuitzending.
Uw speciale aandacht vraag ik voor de uitzending op 11 mei tussen 12.00 en 13.00 uur.
De laatste keer Wereldnet, een programma dat Ton van der Graaf en ik op een achternamiddag in de file bedachten.
Wij zullen aan die laatste uitzending meedoen.
Het begon op 6 januari 1997 en kende een turbulente geschiedenis waar ik al eerder over schreef:
Media 36: Omroepgekkenhuis Hilversum
En: Media 49: De doorstart van Wereldnet.
Hoe u daarnaar kunt luisteren?
Als u geen wereldontvanger met korte golf heeft en ook geen schotel op uw dak heeft, zou ik het online beluisteren via De Wereldomroep.
En wat er die 24 uur allemaal gebeurt leest u HIER.
(Kijk daar onderaan ook even naar de ingezonden brief van Bart van Bockstaele (2 april) uit Toronto Canada)
Waardering & felle kritiek
Ik heb de afgelopen veertig jaar vrij veel Nederlanders in het buitenland ontmoet.
Velen onder hen luisterden met grote regelmaat.
Er was waardering voor. Vaak gecombineerd met felle kritiek.
Hongaarse Photosophieën 56: Een brief zonder antwoord
Photosooph Peter Flik bijvoorbeeld schreef bijna tien jaar geleden deze brief, waarop hij overigens nooit antwoord kreeg.
Hij vraagt zich nu ook af wat er met dit kolossale gebouw gaat gebeuren.
''Een tennishal wellicht?''

14 juli 2002
Aan de directie van de Wereldomroep.
Het is na zeer veel aarzeling dat ik u deze fax zend. Zelf heb ik zeer lang voor de binnenlandse omroep gewerkt en weet dat brieven met kritiek op uitzendingen weinig tot niets uithalen.
Ik luister nu al weer een paar jaar in Hongarije naar uw programma’s en begon me steeds vaker te ergeren.
Waarom maakt de Wereldomroep zo veel reclame voor zichzelf in zijn eigen uitzendingen. Kijk, als je de zender niet op hebt staan gaat die reclame aan je voorbij, terwijl deze reclame volstrekt overbodig is als men heeft ingeschakeld. Kort gezegd: als je in Nederland in de trein zit wordt er toch ook niet ieder kwartier gezegd dat je in de trein zit.
Dan is daar iedere week dat mallotige programma Zeg nou zelf! Is dat bedoeld voor patiënten?
De manier waarop men in dat programma mensen aanspreekt tart elke beschrijving; het lijkt wel of men in Hilversum denkt dat de Nederlander in het buitenland geestelijk is afgetakeld. Echt jakkes.
De eindeloze herhaling van nieuwsfeiten is één van de hoofdkenmerken van uw uitzendingen.
Ik geef u een voorbeeld van hedenochtend.
Ik luister 8.50 tot 9.20, langer kan ik het niet aanhoren.
In het krantenoverzicht nieuws over de zieke prins Claus.
Om negen uur eerst de hoofdpunten uit het nieuws waaronder het bericht dat de toestand van prins Claus onveranderd is.
Dan komt het nieuws zelf. Weer de mededeling dat de toestand van prins Claus onveranderd is.
Na het bulletin wordt er overgeschakeld naar een verslaggever bij het AMC. Deze man meldt ook weer dat de toestand van de prins onveranderd is.
Dit is toch echt om gek van te worden. De verslaggever moet zijn minuten volmaken met absoluut nutteloze woorden. Hij geeft zijn mening dat de prins vroeger toch meer openheid betrachtte als hij ziek was, maar nu is de regie in handen van de koningin. Wat wil die verslaggever dan toch allemaal meer weten. Hoe de ontlasting was?
Ik weet wel dat u veel aan uw hoofd moeten hebben als je zoveel zendtijd moet beheren, maar af en toe zou het toch geen kwaad doen als u eens zelf naar uw uitzendingen luisterde.
Ik hoop dat ik u niet gegriefd heb, maar dit moest echt van mijn hart.
Peter Flik
- Details
- Hoofdcategorie: Media (502)
- Categorie: Media
Een bezoek aan Shell Moerdijk

Ik was aan het opruimen en vond deze foto uit 1969/1970. Ik was toen verslaggever bij het Dagblad De Stem in West-Brabant.
Samen met collega Gerard Arninkhof die nog een BN´er moest worden, hadden wij een bezoek gebracht aan de directie van Shell Nederland Chemie op het industrieterrein Moerdijk, dat toen nog volop in ontwikkeling was.
Vandaar die stropdassen.
Wij hadden de auto op een ongelukkige plek geparkeerd.
Zo ongelukkig, dat ‘wij’ vast geraakt waren. Daar kwamen we achteraf achter.
Hier slepen we met planken, die op het opgespoten terrein onder de wielen moesten worden geschoven in een poging om de auto los te krijgen.
Gerard heeft zijn laarzen meegenomen.
Voor het geval dat we die planken ergens in de drab zouden vinden.
De auto is overigens van fotograaf Ben Steffen.
- Details
- Hoofdcategorie: Media (502)
- Categorie: Media
Bloed spugen, auto-ongelukken, opa worden & andere processen
Op 10 februari 1987 ‘ochtends om zes uur kotste ik niet alleen mijn maaginhoud leeg, maar er kwam ook een enorme hoeveelheid bloed mee.
Ik was 42 jaar, keek in de spiegel en nam een besluit.
Ik stopte met roken en ging hardlopen.
Exact twaalf jaar later op 10 februari 1999 sprak ik voor de VPRO-Radio een column uit over die beslissing.
Ik sprak toen ook voor ’t eerst in het openbaar over een ernstig auto-ongeluk waar ik in 1970 bij betrokken was geweest en kondigde tevens aan dat ik opa zou worden.
Exact twintig jaar later op 10 februari 2007 meldde ik een blog te beginnen.
En liefst dagelijks te willen vullen.
Vandaag exact 25 jaar later op 10 februari 2012 ben ik precies vijf jaar met bloggen bezig.
Dit is bericht 1487.
Daarom neem ik vrij vandaag. En ook de volgende week.
De weblog wordt gevuld door mijn vriend en collega Peter Flik, die ik daarvoor hartelijk dank.
Een opa in wording
(Radiocolumn uitgesproken op 10 februari 1999)
In de zomer van 1970 was ik betrokken bij een ernstig auto-ongeluk. Ik was pas 25 jaar. Er was één dode; een ander raakte zeer zwaar gewond en overleed niet lang daarna.
Ik sloeg met mijn hoofd door de voorruit en mijn rechterknie priemde zodanig in het dashboard, dat ik twee maanden lang een gipskoker om mijn been had. Van heup tot voet. Toen het gips met een enorme cirkelzaag was doorgezaagd, wist ik niet hoe goed ik zou kunnen lopen.
Daar waren bewust ook geen voorspellingen over gedaan.
Het been was aanzienlijk dunner geworden en erg behaard. Maar het ging redelijk en na een revalidatieperiode kon ik weer behoorlijk goed lopen en auto rijden.
Bovendien kreeg ik smartengeld: Fl. 342,18. Hallelujah!
Ik had geluk gehad; ik leefde niet alleen: ik liep weer gewoon, had interessante littekens op voorhoofd en wang en was gezond.
En die aanvankelijk steeds terugkerende film van dat ongeluk keerde steeds minder vaak terug.
Dat was niet alleen plezierig voor mezelf, maar ook voor mijn vrouw en mijn twee kleine kindertjes. En ik wist inmiddels ook, dat je niet onaantastbaar bent.
Dat was eigenlijk een hele geruststelling, want voor het eerst van mijn leven besefte ik toen de betrekkelijkheid van een aantal dingen, de onzekerheid van het bestaan en zelfs de sterfelijkheid die zomaar kan komen en niet altijd wacht tot je 78 bent.
Ik ging weer roken. Ik at te veel en dronk bepaald niet alleen kruidenthee.
Soms stopte ik met roken tot ik vond dat ik daar te zwaar van werd. Soms was ik zo’n tien kilo te zwaar en dan ging ik weer afvallen.
Dan ging ik weer minder drinken, maar vond wel dat ik weer kon gaan roken.
Het was allemaal wel heel betrekkelijk, maar fietsen, trappen lopen of zomaar een eind wandelen ging me steeds zwaarder vallen.
Ik vond het normaal, dat ik ‘s ochtends rochelend opstond, te stijf was om een paar oefeningen te doen en regelmatig met tegenzin aan de dag begon. Dat hoorde er allemaal bij en maakte deel uit van het onvermijdelijke ouderwordingsproces.
En als er af en toe eens wat voorzichtige kritiek kwam, had ik een prachtige smoes.
Ik was namelijk in de oorlog geboren bij het licht van een walmend petroleumstelletje in de nacht van oud op nieuw van 1944 op 1945.
In het hart van de hongerwinter! Als baby had ik niet alleen geen moedermelk gekregen, nee ik had een tekort aan alles.
En dat moest -iedere psycholoog kon je dat uitleggen- later allemaal gecompenseerd worden.
Het duurde tot 10 februari 1987. Ik stond weer eens rochelend op, ging naar de w.c. en moest niet alleen kotsen, maar spuugde ook nog een angstige hoeveelheid bloed.
Ik keek daarna in de spiegel en dacht: alles kan wel betrekkelijk zijn, maar op deze manier word ik niet eens vijftig.
Ik was nog steeds getrouwd met dezelfde en mijn kindertjes waren bijna volwassen.
Ik stopte nu echt definitief met roken, ging minder eten en begon iets aan mijn conditie te doen.
Ik ging ondermeer hardlopen.
Vrij fanatiek zelfs, want binnen vier maanden liep ik -ondanks die regelmatig nog opspelende knie- een halve marathon.
En dat is toch ruim 21 kilometer.
Het verouderingsproces ging natuurlijk door. Het lijf werd strammer, de spieren stroever. Maar het ging langzaam en ik had alle vertrouwen in de toekomst.
Tot vorige week dinsdag. Er was bij Villa VPRO een distillateur op bezoek. Wij spraken ondermeer over jenever en hoe je dat het beste kunt maken. De man gaf toe, dat het drinken van jenever in Nederland niet meer zo populair was.
Nee, het drinken van jenever -zei de man heerlijk nostalgisch- was meer iets voor een man op leeftijd; voor een opa bijvoorbeeld.
Ik keek die man toen verschrikt aan. Ik kreeg het een beetje warm; het leek wel een opvlieger.
Ik drink namelijk nog steeds regelmatig jenever en ik word opa. Jawel.
Ik keek daarna weer eens in de spiegel en zag opnieuw de betrekkelijkheid van alles.
Ik was een MIDO.
Wat dat is?
Gewoon: Een man in de overgang.
- Details
- Hoofdcategorie: Media (502)
- Categorie: Media
Genezeres,liefdeszuster of Engel der wrake?

Rumoerige confrontatie
We zien hier een rumoerige confrontatie, die zich afspeelde op het erf van een huisje beneden aan de dijk tussen Zevenbergen en Standdaarbuiten in West/Brabant. De boze mevrouw is Lies Prinse-Corte, die in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw landelijke bekendheid had onder de naam ‘de genezeres van Standdaarbuiten’.
De jonge man met het nostalgische kladblokje ben ik.
In die tijd verslaggever bij het regionale Dagblad de Stem. De genezeres stond erom bekend dat zij geen tegenspraak duldde.
Ik stelde haar een paar vervelende vragen en dat zinde haar duidelijk niet.
Eind jaren zestig kreeg Lies Prinse steeds meer bekendheid, nadat er publicaties waren verschenen over wonderbaarlijke genezingen.
’Na een bezoek aan haar, gooide ik mijn krukken aan de kant, want ik kon weer lopen’.
‘Ik stond al jarenlang krom van de reuma, maar zij legde haar hand op mijn rug en toen was ik helemaal genezen’.
Het waren dat soort teksten, die steeds meer mensen de tocht naar het huisje in Standdaarbuiten deed maken.
Tientallen, soms honderden ‘zieke’ mensen verzamelden zich voor het huis, want afspraken werden er niet gemaakt.
De meeste mensen stonden na een bezoekje van vijf minuten weer buiten. Ze betaalden daar behoorlijke bedragen voor.
Lies vroeg geen geld, maar zei simpel: ’Geef maar wat ’t je waard is’.
Dat liep behoorlijk op en toen kwamen er natuurlijk de verhalen over oplichting & kwakzalverij.
Zij moest voor de kantonrechter van Zevenbergen verschijnen nadat enkele gedupeerden klachten hadden ingediend.
Lies gebruikte bij die zitting teksten als ’God heeft mij deze gave gegeven’ en ’Ik word gedreven door een kracht die sterker is dan ikzelf’.
Zij werd veroordeeld tot een boete van zeven maal zevenhonderd gulden, omdat zij onbevoegd de geneeskunde had uitgeoefend.
‘God zal dat wijf in de hel slingeren’, verklaarde een gedupeerde.
En een ander sprak over de hardhandige wijze van genezen.
‘Toen ik de plek had aangewezen begon zij met haar grote knuisten keihard op mijn hoofd te bonken’’.
Betty van Garrel bracht in 1970 een bezoekje namens de Haagsche Post.
Uit dat verhaal:
‘Een potige vrouw in doktersjas vult nu het vertrek. Zij heeft een iets vooruitstekende kaak en een zeer argwanende blik. … Het lijkt ons het beste haar voorlopig met rust te laten. Eén verkeerde zinsnede en we vliegen eruit, lijkt het. Want de genezeres heeft meer weg van een engel der wrake dan van een liefdeszuster’.
Pagina 6 van 20

