Algemeen (571)

 

Op pantoffels naar de zaak

  (Door Marga de Graaf, bibliothecaresse te Bellingwolde)

   Als je 60+ bent is de schaamte voorbij…. “Blijf toch thuis, zo kun je niet werken.’ Mijn vriendin let altijd goed op mij. Ze heeft haar stoute schoenen aangetrokken en is -ik woon in Duitsland- de grens over gestoken om te zien of het werkelijk wel goed met mij gaat.
   Mijn huisarts heeft namelijk een bioptje genomen van een onrustig plekje op de wreef van mijn voet. Na vier weken smeren met twee verschillende zalfjes wilde het ding van geen wijken weten.
   Nu is het geval dat ik in een vorig leven doktersassistente was, dus ik dacht te weten wat me te wachten stond en sprak mezelf toe, ‘niet aanstellen, hupperdepup op de behandelbank ermee.’

      Daar zit ik dan, met mijn jas nog aan op het gekreukte papier van de behandeltafel; de desbetreffende voet onder een felle lamp.

Biopsie-pennetje
De man rommelt wat in kastjes en dreutelt naar mijn zin veel te zenuwachtig heen en weer. Hij zwaait met een verdovingsspuitje, laat mij het groene biopsie-pennetje zien dat bloot op een tafeltje prijkt en wil mijn wreef verdoven, ah mai…. Ik schutter nog wat en zeg iets als, ‘nou dat mag ook wel zonder verdoving hoor, vrouwen die kinderen hebben gebaard kunnen wel tegen een beetje pijn.’
      ‘
Ja, maar ik ben een man,’ spreekt de jonge dokter. Met enige tegenzin geef ik me gewonnen, deze meneer duldt geen tegenspraak. Na de prik kan ik met mijn stukje huid in een potje weer naar huis gaan. Aanstaande week even bellen voor de uitslag.

Huisapotheek

 De volgende dag wordt mijn voorgevoel bewaarheid. Dat biopsie-pennetje…. Mijn wreef ziet er onrustig uit. En ja hoor, het plekje gaat ontsteken. Uit mijn huisapotheek duikel ik Betadine zalf op en begin weer dagelijks te smeren. Echter, een schoen aan die voet kan ik niet verdragen, dan maar op pantoffels naar de bieb.
      In de bibliotheek ziet niemand dat ik op pantoffels rondloop. Er zijn geen klanten binnen, alleen vrijwillige medewerkers op de werkvloer die het druk hebben met hun werk. De raaplijsten……..

Tot vanmiddag - bij de thee -, ‘wat heb jij eigenlijk met je voet?’ ……. En wat smeer je er dan nu op?
     Ik ze
g: ‘Bénédictinezalf’….

‘Betadinezalf zeker,’ zegt ze. We schieten in de lach. Levensgenieters herkennen hun soortgenoten.

       

Tijd om naar huis te gaan. Op mijn pantoffels.


Glaasje Bénédictine.
Mijn slaapmutsje voor vanavond…. een lekker glaasje….D.O.M. Bénédictine.

          

De wens was de vader van de gedachte….

HET RECEPT?

Door de verwarring en chaos tijdens de Franse Revolutie was het recept van dit goddelijke likeurtje bijna verloren geraakt.
      In 1791 kocht een notabel uit Fécamp een 16e-eeuws manuscript met het recept voor het elixer. Het manuscript bewaarde hij in zijn bibliotheek.
In 1863 werd het recept daar bij toeval gevonden door een ver familielid. Het lukte deze persoon om het handschrift te ontcijferen en de likeur opnieuw te maken. Hij noemde het Bénédictine.
      Waarom deze naam? Dat weet ik nog niet.
Wat ik wel weet is dat Bénédictine 158 jaar later tot vermaak rondzong ….. in de bibliotheek van Bellingwolde.

 

Klik HIER voor alle biebverhalen


Reserveringsbriefjes & raaplijsten

(Door Marga de Graaf, bibliothecaresse te Bellingwolde)

Er ligt sneeuw, het vriest dag en nacht - het is prachtig winterweer. Ik glibber in mijn auto op mijn gemakje naar de bieb. Wat is het mooi onderweg.  
      Als ik aankom op de besneeuwde parkeerplaats zie ik Bineke en Dity ook arriveren. Arm in arm lopen we naar de bibliotheek - het is glad.

 

 

 

 

 

      Lekker
    warm

 

 

   Binnen is het lekker warm. We zetten ons mondkapje op en leggen de gereserveerde boeken klaar om af te halen. ‘Gezien de koude wind zal er wel niemand komen,’ hoor ik de dames tegen elkaar zeggen.
      Op sneakers en met stappentellers aan de broekriem maken we heel wat meters om reserveringen uit de kasten te verzamelen. We gaan vanmiddag voor 10.000 voetstappen! Die gaan we halen!
      Ik print de raaplijsten uit en zie vanuit mijn ooghoek iemand de glazen schuifdeuren van het voorportaal binnen komen. Het is de dame van de reserveringsbriefjes in onze brievenbus - mevrouw Bosgraven.


Reserveringsbriefje


Ze heeft keurig een mondkapje voor en…. een beslagen bril - tja die mondkapjes hé en dan ook nog die kou. Ik zie haar dreutelen in de hal en loop naar haar toe. Verwelkom haar vanachter de glazen toegangsdeur en wijs waar de reserveringen staan.
      Ze hoort me wel, maar ziet me niet. Ze wil haar bril afzetten, maar het pootje blijft in het mondkapje steken. Ze hangt het ding aan één oor. ‘Hèhè,’ pruttelt ze me gefrustreerd toe, ‘wat een gedoe.’

‘Jij bent de eerste die ik zie en spreek vandaag en dan ben ik ook nog op de fiets gekomen over die gladde wegen….maar wat ben ik blij!’ ‘Zo blij met de boeken, kan ik weer lekker lezen als ik straks thuis ben.’

Wij zijn blij met mevrouw en de andere lezers die na haar komen- lang leve de bieb - want… ook in deze tijd gelden voor onze branche de uitleencijfers!

Raaplijsten

De raaplijsten- oh ja… Dit zijn aanvragen van boeken uit onze collectie in Bellingwolde die leners uit andere bibliotheken in de provincie Groningen  hebben gereserveerd. Ook deze mensen zitten met smart te wachten tot wij hun aanvragen uit onze kasten hebben geplukt en ze naar hun thuisbibliotheek hebben gestuurd.
      Onze boeken reizen naar Veendam, Winschoten, Delfzijl, Stadskanaal, Spijk, Appingedam, Leek, Haren, Groningen, Ter Apel, Vlagtwedde. Blijham, Grootegast, Winsum en nog veel meer mooie Groninger steden en dorpen. Voor de crisis stuurden wij zo’n 25 boeken per week de provincie in - nu zeker 100! Dus hup, werk aan de winkel.


Nieuwsbericht



Gewoon de telefoon

Vanwege het overdonderende succes van de afhaalservice krijgen we hulp van onze klantenservice in Groningen. Klanten die niet zo digivaardig zijn om via internet boeken te reserveren - mogen dit voortaan telefonisch doen. Een hemelse oplossing, voor ons en de klanten. Ik heb nu al medelijden met mijn collega’s die de klantenservice bevrouwen, want het is me een potje druk - zo druk hadden wij het nog nooit en nu zij dus ook.

      De sterke mannen die de boekenkratten bij ons ophalen kunnen het werk ook amper bolwerken. Expeditie-man André post op ons Intranet:

‘Er zijn bibliotheken die, om ongeduldig geklop op de deur te voorkomen, het licht uitlaten als ze aan het werk zijn, (merk ik op mijn expeditietochten door de provincie).

Soort blindenbibliotheek, dus.’

Collega Aaf

Na de eerste telefonische bestel-hulpdag schrijft collega Aaf van de Klantenservice:

‘Wanneer we ‘s avonds in de app-groep van de klantenservicemedewerkers nog even terugkijken op deze hectische dag en we elkaar zo ongeveer de hemel in prijzen voor het vele werk dat er verzet is, gooi ik in de app-groep dat de beide 60-plussers die de ochtenddienst draaiden blijkbaar nog lang niet versleten zijn. Over dat ik op dat moment als een vaatdoek op de bank hang, zwijg ik.’

 

Net als een aantal vrijwillige medewerkers van onze bieb die aansluitend aan hun dienst nog ‘even’ boeken bezorgen bij onze lezers. Ik denk zeker te weten dat één daarvan bij thuiskomst eerst een lekker warm bad neemt…de rest valt als een blok in slaap - ook op de bank, gelijk Aaf….
      Zo zorgen we voor een mooie dienstverlening en voor elkaar - klinkt een beetje soft, maar zo is het wel.

   

 

 

   Klik HIER voor alle biebverhalen

 

 

 

 

 

 

Vrolijke fluiters in mijn habitat

(Door Marga de Graaaf, bibliothecaresse te Bellingwolde)

Sinds april 2020 werk ik afwisselend thuis en in onze bieb. Waarom? Nou, u weet wel….Tegen de tijd dat ik hieraan ben gewend vind ik het een fantastische combi.
     
      Als ik aan het beeldvergaderen ben met mijn collega’s zet ik mijn iPad zo neer dat ik uitzicht heb op mijn tuin. Niet dat ik verzaak te reageren op de agenda en reacties van mijn lieve collega’s - thuis kan ik heel goed multitasken, blijkt.

      Ik maak van de nood een deugd.


Baltspartijen

                      


Terug naar het Voorjaar!
      Het broedseizoen van de vogels komt er aan. Dat er wat rondfladdert in onze tuin heb ik wel gezien - maar wie, wat, waar en hoe, dat had ik nimmer opgemerkt. Ik zie territoriumdrift en baltspartijen. Hoe kwikstaartjes elkaar het hof maken, werkelijk prachtig. Er worden bamboebladeren, takjes en mos als nestmateriaal verzamelt en concurrenten verjaagd. Daar had ik geen weet van!


Vogelboeken

Verrast door zoveel vrolijke fluiters die onze habitat uitkiezen om te landen, besluit ik op te schrijven wie er allemaal op bezoek komen. Met mijn vogelboeken bij de hand probeer ik de soorten te herkennen, getjilp te onderscheiden. Een nieuwe hobby is geboren. Maar hoe volhardend ik ook ‘studeer,’ een volleerde vogelaar ben ik nog lang niet. Vooral de liedjes, roepjes en riedeltjes kan ik moeilijk onderscheiden.

      Het roodborstje zingt schalkse liedjes, de kneutjes krijgen felrode borstjes, de winterkoninkjes dragen hun vrolijke wipstaartjes fier omhoog. Pimpelmeesjes plukken wolletjes uit de schapenvachten die nog op onze tuinstoelen liggen.
      Likkebaardend scheren buizerds, valken en sperwers over onze tuin. De trekvogels zijn vermoeid aangekomen uit zuidelijke streken. Uitgeput van een lange reis vormen ze een makkelijke prooi. Ik zie een grote lijster, een gekraagde roodstaart, een braamsluiper, een grauwe vliegenvanger - allen zijn ze op zoek naar een plekje om uit te rusten. Al snel maken de vogels zich klaar om nageslacht voort te brengen…. mits ze niet voortijdig zijn gesnaaid door een of andere roofvogel.

      Inmiddels herken ik wel de waarschuwingsgeluidjes van de merels als er weer een sperwer op rooftocht boven onze tuin vliegt. Een seconde daarna hoor ik geen vogel meer, zie ik geen vogel meer - ze hebben zich allemaal verstopt voor het grote gevaar.

Huissperwer

         ‘Onze' sperwer is geduldig en snel. Hij - en ook zij - kiest heel brutaal positie op het vogelvoederhuis, wacht…. om plotseling pijlsnel in een duikvlucht een nietsvermoedende mus, kool- of pimpelmees uit de coniferenhaag te plukken om deze vervolgens op het gemak te gaan zitten oppeuzelen op hetzelfde voederhuis! Ik zit verbijsterend achter het vensterglas dit tafereel gade te slaan …. totdat ik mijn manager hoor praten…. ‘wie heeft er nog iets voor het rondje w.v.t.t.k?…..

 

   Grauwe vliegenvanger

      Mijn favoriet?

        

     De grauwe vliegenvanger die het nageslacht grootbrengt aan de wand van onze blokhut.
     Het zijn ware acrobaten in de lucht, op jacht naar insecten.

        

Zo mooi, zo klein, zo dapper. Eigenlijk net als wij … mensen.

 

Mijn lijstje dit jaar? Gespot in mijn tuin en aangrenzend bos-en weiland.

  •  
  • Appelvink
  • Boerenzwaluw
  • Bonte specht
  • Boomklever
  • Boomkruiper
  • Bosuil
  • Braamsluiper
  • Buizerd
  • Ekster
  • Fazant
  • Fitis
  • Geelgors
  • Gekraagde roodstaart
  • Gierzwaluw
  • Grauwe gors
  • Grauwe vliegenvanger
  • Groene specht
  • Groenling
  • Grote bonte specht
  • Grote lijster  
  • Goudhaantje
  • Havik
  • Heggenmus
  • Houtduif
  • Huiszwaluw
  • Kauw
  • Kiekendief
  • Kievit
  • kleine bonte specht
  • Kneu
  • Koekoek 
  • Koolmees
  • Koperwiek
  • Kraai
  • Kramsvogel
  • Kuifmees
  • Kwikstaart
  • Meeuw
  • Merel
  • Nachtegaal
  • Nijlgans
  • Notenkraker
  • Ooievaar
  • Pimpelmees
  • Putter
  • Ringmus
  • Roodborst
  • Rotgans
  • Scholekster
  • Slechtvalk
  • Sperwer
  • Spreeuw
  • Staartmees
  • Tjiftjaf
  • Torenvalk
  • Tortelduif
  • Veldleeuwerik
  • Vink
  • Vlaamse gaai
  • Wielewaal
  • Winterkoning
  • Zwarte roodstaart

 
Klik HIER voor alle biebverhalen

 
                     

 

Geplaatst in januari

 

31 januari: Poëzie 154: De laatste dag van januari 

30 januari: Audio 153; De Retro Platenspeler

29 januari: Photosophieën 393; Algoritmes

28 januari: Atlas van de kleinste landen 129: Hithadhoo, Malediven

27 januari: Goedemorgen 865; Lankmoeig

26 januari: Famiie 172; Camiel is achttien

25 januari: Verhalen uit de dorpsbieb 59; Ontwaken in wilde stilte

24 januari: Groeten uit Italië (Slot): Eendjes in een Citroën

23 januari: Groeten uit Italië 15: Montefalco Umbrië

22 februari: Groeten uit Italië 14: Een curieus interview in Milaan

21 januari: Home From Abroad 263; After the Fall

20 januari: Goedemorgen 864; De lege huls

18 januari: Verhalen uit de dorpsbieb 58; Heksenvervolgingen in Westerwolde

17 januari: Groeten uit Italië 13: Café Florian Venetië

16 januari: Atlas van de kleinste landen 128; Eilandenrijk Malediven

15 januari: Nieuwe woorden 102; Toeslagenaffaire

15 Januari: Groeten uit Italië 12; Een mysterieus wit plekje

14 januari: Goedemorgen 863; Vrienden (maar niet voor het leven)

13 januari: Home From Abroad 262; Death in the Capitol

12 januari: Goedemorgen 862; Mannetje Klaver en mevrouw Kaag

11 januari: Groeten uit Italië 11: Symfonie voor katten en borstbeelden

10 januri: Atlas van de kleinste landen 127; Addu Atol, Malediven

9 januari: Beelden 969; De symbolische bom onder Shell Moerdijk

8 januari: Groeten uit Italië 10: Valloria Ligurië

7 januari::Measia 435; Dismay (New York Times)

6 januari: Home From Abroad 261; Another Perfect Call

6 januari: Media 433; No Power to Block (New York Times)

5 januari: Groeten uit Italië 8: Villatalla Ligurië

4 januari: Atlas van de kleinste landen 126; Muziek & Andorra

3 januari: Familie 171; Keet is acht

2 januari: Groeten uit Italië 7: Strada dell'Olio

1 januari: Goedemorgen 861; Line Riders

1 januari: Goedemorgen 445; Mooi Nieuwjaar. Vroedvrouwen in Zuid-Soedan

1 januari: Algemeen 429; Geplaatst in decmber

 

 

Ontwaken in wilde stilte

(Door Martine van Bree-Jonink, vrijwilliger bibliotheek Bellingwolde)

 
Lucinda Riley: De Zilverboom (2020/541 pag.)

Deze roman is onder de titel Not Quite an Angel in 1995 voor het eerst uitgegeven. Op verzoek heeft de auteur deze roman  zodanig herschreven (zie Noot van de auteur) dat er een compleet nieuwe roman is ontstaan, die in 2015 is verschenen onder de titel The Angel Tree.

    De Nederlandse uitgever had deze titel beter rechtstreeks kunnen vertalen, want De Zilverboom slaat nergens op. Als u deze roman leest begrijpt u waarom. In het kort het verhaal: Greta keert na 30 jaar terug op Marchmont Hall, het landgoed dat ooit een belangrijke rol in haar leven speelde. Ze kan zich alleen niets meer herinneren over die tijd omdat ze door een tragisch ongeluk al jaren lijdt aan geheugenverlies.
      De enige die haar al die jaren heeft bijgestaan en die ze volledig vertrouwt is David, de man die blijft proberen haar geheugen op te frissen. Eenmaal op Marchmont Hall, als er flarden aan herkenningen boven komen, ontdekt ze langzaam maar zeker wat voor leven ze ooit heeft geleid.

Weer een prachtige fascinerende roman.


Stacey Halls: De vondeling (2020/317 pag.)

In 1748 moet de arme Bess noodgedwongen haar pasgeboren dochter achterlaten in een kindertehuis in Londen. Zij laat bij de baby een herkenningsteken achter, dat wordt genoteerd bij het nummer van registratie. Zes jaar later denkt zij genoeg te hebben gespaard om haar “Clara” terug te kopen. Tot haar verbijstering is haar baby al meteen de eerste dag weer opgeëist, zogenaamd door haarzelf. Dat kan niet, dus gaat Bess op onderzoek uit. Als op een dag een jong meisje in een gele jurk uit een koets stapt, herkent Bess haar als haar dochter.

      Ze ontdekt waar het meisje woont en weet te regelen dat zij als kindermeisje wordt aangenomen door de jonge weduwe, die al 10 jaar lang haar huis alleen heeft verlaten om per koets naar de kerk te gaan.

Een historische roman over enorme klassenverschillen, rijkdom versus uitzichtloze armoe, maar ook geestelijke armoe onder de rijken en levenskracht onder de armen en bovenal: de kracht van moederliefde die van alle tijden is.

 

Nora Roberts: Ontwaken (2020/477 pag.)

Breen is niet gelukkig met haar leven. Ze heeft hard gestudeerd, heeft jaren bijbaantjes gehad om het hoofd boven water te houden, en is docent Engels. Precies het leven dat haar kille en dominante moeder haar heeft opgedrongen, terwijl zij zelf iets heel anders voor ogen had. Samen met Marco, haar beste vriend en toeverlaat sinds de kleuterschool, woont zij in een klein appartement in Philadelphia. Hij en zijn homovrienden zijn haar “thuis”. De mooiste jeugdherinneringen heeft ze aan haar Ierse vader, al verliet hij het gezin 10 jaar geleden toen zij 6 was. Als Breen in de villa van haar moeder de planten moet watergeven en de ramen moet openzetten, waaien er papieren op de grond. Tot haar stomme verbazing zijn het bankafschriften op haar naam en ontdekt zij dat haar vader haar door de jaren heen geld heeft gestuurd; en niet zo’n beetje ook. Marco en zij gaan samen naar Ierland om op zoek te gaan naar haar familie en afkomst.
      Breen voelt zich er gelijk thuis. Als Marco weer terug moet, blijft zij voorlopig in de knusse cottage, waar op een dag een hondje komt aangelopen dat haar de weg wijst naar een boom, waarna zij terecht komt in een parallelle wereld. Een wereld van mensen die ieder op zich over eigen magische krachten beschikken. Tot haar grote geluk ontmoet zij haar oma en vele vrienden, die haar over haar vader kunnen vertellen en de reden waarom hij bij haar en haar moeder is weggegaan. Oma leert Breen haar eigen magische krachten te ontwikkelen; van een verlegen vrouw die altijd werd gekleineerd, verandert zij in een stralende zelfbewuste vrouw. Toch moet zij nog terug naar Philadelphia om de confrontatie met haar moeder aan te gaan en e.e.a. af te wikkelen. Zij belooft haar oma terug te komen.
     
Een fantastisch geschreven magisch verhaal waarin je wordt meegezogen. Deel 1 van de Drakenhart-serie.


Simon Stranger: Een vreemde in de wereld (2020/443 pag.)

Waar liggen je roots, als je vader én grootvader geadopteerd zijn? In de zoektocht van de schrijver worden vier verhaallijnen met elkaar verbonden. Het verhaal van Jan van Riebeeck, die in 1652 de eerste handelspost op Kaap de Goede Hoop stichtte. Het verhaal van de 16-jarige Noah, een zwarte jongen, geadopteerd in een wit gezin en woonachtig in de betere buurten van Kaapstad. Het levensverhaal van Adele, die op haar zesde jaar samen met haar familie is verdreven uit hun woonwijk, omdat het een witte wijk moet worden.
      Ze groeit op in de armoe van golfplaten behuizingen zonder sanitaire voorzieningen. En als laatste het verhaal van Simon, de schrijver, die een riskante zeiltocht onderneemt over de Atlantische Oceaan samen met zijn beste vriend en diens vader. Hij moet op stel en sprong naar huis omdat zijn eigen vader in het ziekenhuis ligt. Een deels autobiografisch, deels fictief verhaal waarin de auteur erachter komt waarom hij Stranger (vreemdeling) heet.
     

Een in briljante stijl geschreven boeiend relaas over de ontwikkelingen die zich tussen 1652 en het heden hebben voorgedaan in Zuid-Afrika.


Raynor Winn: Het zoutpad (2019/316 pag.)

Bejubeld autobiografisch verhaal over het echtpaar Ray en Moth, dat binnen een paar dagen alles kwijt raakt: ze verliezen hun huis en ze krijgen te horen dat Moth een ernstige ziekte heeft waar geen remedie voor is. Hun kinderen studeren. Met het beetje geld dat ze nog hebben besluiten ze het South West Coast Path te gaan lopen, met alleen een tent, hun oude rugzakken en te dunne slaapzakken om te overnachten. Een tocht vol ontberingen, leuke maar zeker ook minder leuke ontmoetingen.
      Ray wil er niet aan denken Moth kwijt te raken, steekt haar kop in het zand, maar houdt hem wel in de gaten. Moth praat nergens over. Er gloort hoop, want Moth krijgt langzaam maar zeker zijn oude energie terug. Tegen de winter zijn zij halverwege de route, overnachten in een tent kan niet meer en ze moeten ook op tijd ergens onderdak vinden vlak bij de universiteit waar Moth een studie gaat volgen. Ze hopen van de studiefinanciering rond te kunnen komen.
     
Prachtige natuurbeschrijvingen, daar niet van, maar ik mis persoonlijke gesprekken tussen beiden waardoor het verhaal voor mij minder diepgang heeft dan verwacht.

 

Vervolg: De wilde stilte (2020/313 pag.)

Ray en Moth leven in een klein onderkomen in een kerkgebouw. Moth gaat dagelijks naar de universiteit; Ray wordt op zichzelf teruggeworpen en kan alleen maar slapen in de tent, die ze in de woonkamer hebben opgezet. Als haar moeder in het ziekenhuis belandt kijkt zij terug op haar jeugd en wordt zij weer het kleine, onzekere meisje vol faalangst dat de buitenwereld schuwt. Om zichzelf uit dit moeras te trekken begint zij haar aantekeningen over de voettocht uit te werken, hetgeen uiteindelijk resulteert in een boek: Het zoutpad. Door het succes moet zij wel voordrachten en signeersessies houden waardoor zij haar mensenschuwheid overwint.

      Met zijn laatste krachten weet Moth zijn studie af te ronden. Precies op het juiste moment krijgen ze de kans nieuw leven te blazen in een prachtige oude boerderij in Cornwall en dat is hun redding.  In dit boek ben ik eindelijk  meer te weten gekomen over haar karakter en hun leven samen waardoor zij zo’n twee-eenheid zijn geworden.
     
Mooi. (het reisverhaal over IJsland heb ik grotendeels overgeslagen; te langdradig naar mijn zin)


Brit Bennett: De vervlogen helft (2020/365 pag.)

De licht getinte tweelingzussen Desiree en Stella groeien op in een kleine, zuidelijke, bekrompen zwarte gemeenschap, waar men elkaar puur op afkomst en uiterlijk de maat neemt; hoe lichter hoe hoger in aanzien. Als zij door hun moeder van school gehaald worden en gedwongen zijn de meest vernederende baantjes aan te nemen, besluiten zij te vluchten naar New Orleans. Qua uiterlijk lijken zij sprekend op elkaar; qua karakter zijn zij tegenpolen.

Desiree is opstandig en vrijgevochten en had een hekel aan school; Stella is de bedachtzame ijverige leerlinge en wil verder komen. Ze hebben elkaar altijd in vertrouwen genomen, totdat Stella tot de ontdekking komt dat zij, als ze maar durft, gewoon voor een witte vrouw kan doorgaan. Als ‘witte’ vrouw trouwt zij met een witte man die haar adoreert, krijgt tot haar grote geluk een blonde dochter, maar de altijd aanwezige angst dat haar bedrog zal worden ontdekt drijft haar ertoe notabene zelf racistisch te handelen.
      Desiree’s leven loopt heel anders; zij trouwt met een diepzwarte man, krijgt een pikzwarte, maar bloedmooie dochter, en keert terug naar haar moeder en haar geboortedorp, waar uiteraard haar dochter voor de nodige ophef zorgt. Ooit waren de tweelingzussen onafscheidelijk, maar na jarenlang radicaal verschillende levens te hebben geleid, moeten zij opnieuw een keuze maken als blijkt dat hun dochters elkaar hebben leren kennen.
     
Bijzonder goed geschreven uitermate boeiende pageturner.

 

 

Veel leesgroeten van Martine van Bree-Jonink.
      Vrijwillige medewerker van de Bibliotheek in Bellingwolde.


Klik HIER voor alle biebverhalen

 

Subcategorieën