Poëzie
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Van Rutger Kopland
(Zonder titel)
Vader, ik zie je gezicht weer, jaren
na je dood -bijna een schaduw
in deze ruimte, een schaduw
wit van de hitte -eenzame
steen in de hemel, de zee.
Een romeins veldherenhoofd, kapot
geslagen neus, opengereten mond,
lege oogkassen omhoog naar
de zon, in een woestijn.
Bijna een schreeuw nog om
deze dood.
Vader, je gezicht daar, zo’n
eiland waar nooit iemand
heeft gewoond, waar
nooit iemand komt.
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Vader Ronald
Klaas Vos is afgelopen zondag ingetreden als dominee van de Protestantse gemeente Woensdrecht. (Media 45: Gods eigen kruisraket).
Van 1987 tot 2006 werkte hij voor de VPRO-radio. Klaas Vos was een fenomeen. Wij hebben samen veel programma's gemaakt.
Toen ik 25 jaar in dienst was bij diezelfde VPRO schreef hij dit gedicht.

- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Magisch,mytisch, metafisisch
Ik was even in Bergen op de Algemene Begraafplaats (Poëzie 36: Adriaan Roland Holst)
Het plaatsje in Noord-Holland doet zijn naam als kunstenaarsdorp eer aan, want naast Roland Holst liggen hier ook begraven Eddy du Perron, Jan Toorop en Lucebert.
Het graf van Lucebert valt het meest op, omdat er een zelf door hem gemaakt beeld staat.

Lucebert (luce is licht en bert is helder) was dichter en beeldend kunstenaar.
Zijn ware naam was Lubertus Jacobus Swaanswijk.
Over Lucebert is veel geschreven.
Hij was een zeer bijzonder dichter.
Keizer der Vijftigers.
Zijn werk is moeilijk te doorgronden. Als je er de Verzamelde Gedichten op naslaat is het vaak volkomen onbegrijpelijk.
En toch doet het van alles met je. Het is magisch, mytisch en metafysisch.
Enorm muzikaal.
Dat merk je vooral als je de dichter zelf aan het woord hoort.
OH OOR O HOOR
Eind vorige eeuw verscheen een dubbel-CD met de titel ‘oh oor o hoor‘, waarop Lucebert zelf 38 van zijn gedichten voorleest.
Hij doet dat op een meeslepende manier. Als je wat langer luistert is het bijna hallucinerend.
Erik Voermans, muziekredacteur van Het Parool vond dat ook. Hij liet zich inspireren door die gelezen teksten en maakte er op een elektrische gitaar en een effectapparaat muziek bij.
Volgens mij is dat uitstekend gelukt, want ‘deze polyfone dialoog’ zoals Voermans dat noemt, maakt het werk van Lucebert nog beeldender en nog sprekender:
‘Daarbij liet ik me, in een trance van concentratie en overgave, gewillig gidsen door de cadans, het timbre en de sferen van zijn zingende voorleesstem’.

Als u hiernaar toe gaat kunt u een stukje horen en meteen de CD ‘De hemelse wanklank’ bestellen.
In deze aflevering van het VPRO-programma De Buis van Eustachius uit 2004 kunt u nog meer fragmenten van de CD beluisteren. Erik Voermans en producer Gert-Jan Blom komen uitvoerig aan het woord.
BERGEN
Had Lucebert iets met Bergen? In het boekje 'Hier scheen 't geluk bereikbaar', dat in 2001 verscheen bij uitgeverij Conserve probeert Mischa de Vreede daarop een antwoord te vinden.
Zij bezoekt daarvoor Tony Swaanswijk, die 42 jaar de levensgezellin van Lucebert was. Noch in zijn gedichten noch in zijn schilderijen en tekeningen is daarvan iets terug te vinden. Toch had Lucebert het in Bergen naar zijn zin.
Tony Swaanswijk:
'Hij ligt hier begraven. Dat wilde hij absoluut. Als hij ergens anders gestorven was, dan had ik hem naar Bergen laten brengen -zo'n wereldburger was hij nou ook weer niet. Hij ligt hier heel erg mooi'.
Voor mensen, die het werk van Lucebert niet (goed) kennen volgt hier:
Lied tegen het licht te bekijken
het is een rustige rustige
het is een heldere snaar
een mens in de ruimte
onder melangolieke gebaren
geschaduwd door de geuren
van de gotiese blijdschap
is het een lakken pijn
of een kortharen pomp
waarmee hij zo eenzaam leeft?
in zijn kamer een kwade straal van de maan
en dat is zijn dame
boven een baard van ijzige tranen
schreit de beschaafde lelie
nee nee het is een lang lang land
met de deur zonder huis
lichtkost op de lippen
de gekonfijte schacht der spieren
gebouwd op muzikale naalden
zo is hij eenzaam
wat licht er ook dichter bij
het licht dan het licht van de ogen
dit licht van de ogen
is een sobere hand voor de wereld
zomer is zijn wapen
winter zijn liefkozing en
dood de getemde deur
leven de wilde loper
zo een heldere snaar
een mens in de ruimte
verbrand en geboren
lichtschikkend en zingend
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Van Alain Teister
Correspondentie
Mijn zoon schreef: papa,
dat jullie gescheiden zijn vind ik niet erg,
of wel, maar ik ben er ook aan gewend,
ik ben bijna elf,
maar dat mama niet een keer gehuild heeft
Nu jij in het ziekenhuis ligt, en dat ze steeds
‘eigen schuld’ zegt,
dat vind ik niet lekker, jij?
Ik telegrafeerde: jawel, eigen schuld
is goud waard stop drink een cola
op mijn gezondheid stop en stuur als je zin hebt
een leuke tekening stop.
Zo ken ik je weer, schreef hij terug. Dag papa.
In de envelop zat een kleurige
viltstift-tekening van een doodskop
Stop.
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
De Prins der dichters
Vorig jaar oktober schreef ik een stukje over een gedichtenwedstrijd op het A. Roland Holst College in Hilversum. (Poezie 30: Liefde in de brugklas). Ik had informatie gekregen van Bea de Boer, die hoofd is van de Mediatheek op de school.
Laatst heb ik haar gevraagd waarom er in Hilversum in Godsnaam een scholengemeenschap vernoemd is naar een inmiddels vrijwel vergeten dichter.
Het antwoord bleek -zoals vaak- nogal voor de hand liggend. Adriaan (Jany) Roland Holst heeft van september 1903 tot juni 1906 op deze school gezeten, die toen nog de nieuwe gemeentelijke HBS was.
Jany, die in 1976 overleed gaf een paar jaar daarvoor toestemming om de school naar hem te vernoemen. Dat was bij de invoering van de Mammoetwet in 1973. Voor het reünieboekje van de school schreef ‘de Prins der Dichters‘:
Mijn oude school is het vandaag gegeven
een stralend jubileum te beleven
Hoeveel jaar staat zij in het rijke Gooi?
Tienmaal het heilige getal van zeven.
En in de hal van het nieuwe gebouw (het oude gymnasium) waar ook de Mediatheek is, staat deze regel uit Zwerversliefde:
Laten we zacht zijn voor elkander, kind.
Bea stuurde mij ook zijn leerlingenkaart.
Als u goed kijkt ziet u dat Roland Holst het assurantievak in zou gaan.
Gelukkig staat daar ook dat hij later in Oxford Engelse letteren ging studeren, de basis voor zijn latere werk als dichter en prozaïst.
BERGEN NOORD-HOLLAND
De link Roland Holst-Hilversum is verder niet erg voor de hand liggend. Hij werd geboren in Amsterdam op het adres Stadhouderskade 132, stomtoevallig hetzelfde adres waar de huidige rectrix van het college, Loes Lauteslager, jarenlang woonde.
Maar Jany liet vooral zijn sporen na in het Noord-Hollandse Bergen, waar hij ondermeer aan de Nesdijk woonde.
Daar staat in het centrum zijn beeld ontworpen door Mari Andriessen en daar ligt hij begraven op de Algemene Begraafplaats.
Op dat graf bevindt zich een steen met het opschrift
’Wat was is geweest’.
Die regel is van hemzelf.
Hij schreef dat in de verwachting dat het graf en de steen zouden wegteren.
Als je naar het graf gaat kijken zie je dat dit proces aardig bezig is.
De tekst is al bijna niet meer te lezen.
EEN GROOT DICHTER
Adriaan Roland Holst was een groot dichter. Geen twijfel over. Hij ontving ondermeer de P.C.Hooft-prijs, de Constantijn Huygens-prijs en de prijs der Nederlandse Letteren, waar hij in het Jury-rapport ‘Prins van onze dichters’ werd genoemd.
Later werd dit ‘Prins der dichters’.
Jan van der Vegt schreef een vuistdikke biografie, die in 2000 verscheen.
Zijn bekendste gedicht is: Een winter aan zee
Hierin schrijft hij ook een paar regels over zichzelf
In dit nauwe
duindal komt het wel voor,
dat men zichzelf ontmoet,
en aanziet, en moet lezen
in de andre blik. Dit oord
suizelt van angst en vrezen.
ROKKENJAGER
Jany was een erkend rokkenjager. Dat gaf hij zelf ook toe:
Zonder berouw een geilaard tot het graf
en zonder angst voor een gerechte straf
die om de laatste hoek, gelijk hij weet,
hem wacht en treft voor wat hij zich vermeet.
EEN OBER IN BERGEN
Ik kreeg dit een paar jaar geleden nog eens uit onverwachte hoek bevestigd door een ober van het bekende café -restaurant Het Huis met de Pilaren in Bergen.
In dit radioprogramma (De Paardenhemel) over schrijvers en dichters uit Bergen en omgeving, dat ik samen met directeur Kees den Bakker van uitgeverij Conserve maakte, komt die ober aan het woord. (Vanaf ca. 13’15”).
Jany Roland Holst kwam dagelijks in dit café -restaurant.
Er waren altijd bewonderaarsters.
Vaak kwam hij dineren met zijn maîtresse.
Hij zat dan volgens de ober lekker stiekem te vozen.
Pagina 21 van 28






