Poëzie
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Voor Mai; een moeder
Jan Hanlo was een verwend moederskindje. Een homo met pedofiele neigingen.
Streng katholiek, een stevige roker en nog steviger drinker, een ruziezoeker, een psychoot die zomaar van een dak afstapte.
Iemand die een jongetje van twaalf jaar uit Marokko ontvoerde. Een man die volgens zijn biograaf Hans Renders in een inrichting in Heilo gecastreerd werd.
Jan Hanlo was ook een groot en bijzonder dichter.
Het gedicht ’s Morgens is opgedragen aan Mai. Dat is zijn moeder.
Het gaat zo
Van Jan Hanlo
‘s Morgens
Voor Mai
Het was half vijf ’s morgens in April
Ik liep, en floot de St. Louis Blues
Maar ik floot die op mijn eigen wijze
Al fluitend dacht ik: mocht mijn fluiten
gelijken op de zang van de grote lijster
En waarlijk, na enige tijd geleek mijn
fluiten van de St. Louis Blues
Op de zang van de grote lijster:
turdus viscivorus
Moederfixatie
Jan Hanlo werd in 1912 geboren in Bandung op Java.
Zijn ouders scheidden vlak daarna en Jan ging met zijn moeder Maria Crombach terug naar Deurne in Brabant.
Baboe Tjoetje ging ook mee. Zij verbasterde Mama in Mai en Jan bleef zijn moeder altijd zo noemen.
Hij droeg niet alleen dit gedicht aan haar op Nee.. Al zijn boeken zijn opgedragen aan Mai.
Hans Renders schrijft in zijn uiterst boeiende Hanlobiografie ‘Zo meen ik dat ook jij bent’ diverse keren over de innige band tussen moeder & zoon.
‘Hij had een moederfixatie’.
Jan Hanlo wilde niet volwassen worden; hij leed aan het zogeheten Peter Pan syndroom.
Jan bleef bij zijn moeder in bed slapen tot hij volwassen was. En zijn eerste geschreven woorden die bewaard zijn gebleven -hij was toen zes jaar- zijn voor zijn moeder: ’Maitje, Uw liefhebbende Zoontje Jan’.
In 1949 verscheen zijn beroemde klankdicht De Mus, dat in zekere zin een voorbode was van het nog veel beroemdere Oote dat hij in 1952 publiceerde.
De Mus
Tjielp tjielp -tjielp tjielp tjielp
tjielp tjielp tjielp -tjielp tjielp
tjielp tjielp tjielp tjielp tjielp tjielp
tjielp tjielp tjielp
Tjielp
Etc.
Bewierookt & verguisd
En dan komt Oote. Eén van de meest besproken, bewierookte, verguisde en belachelijk gemaakte gedichten uit de Nederlandse literatuur.
Jarenlang; eigenlijk wordt dit gedicht nog steeds aangehaald.
Hanlo werd op straat nageroepen met Boeh.
Jaap Goedegebuure vergeleek het met En Rade van Jan Engelman. (Poezië 57)
Gerrit Komrij noemde het een Kijkgedicht.
En voor allerlei andere vergelijkingen, commentaren etc. verwijs ik naar de biografie van Hans Renders, verschenen bij de Bezige Bij.
Die geeft bovendien een angstaanjagend beeld van de naoorlogse psychiatrie in Nederland, waar tot in 1969 castraties werden uitgevoerd.
‘Om zijn eigen puurheid te bewaren, zijn dwangmatige lustgevoelens te overwinnen, had hij zich vrijwillig laten verminken’
OOTE
Oote oote oote
Boe
Oote oote
Oote oote oote boe
Oe oe
Oe oe oote oote oote
A
A a a
Oote a a a
Oote oe oe
Oe oe oe
Oe oe oe oe oe
Oe oe oe oe oe
Oe oe oe oe oe oe oe
Oe oe oe etc.
Oote oote oote
Eh eh euh
Euh euh etc.
Oote oote oote boe
etc.
etc. etc.
Hoe boe boe boe
Hoe boe boe boe
B boe
Boe oe oe
Oe oe (etc.)
Oe oe oe oe
etc.
Eh eh euh euh euh
Oo-eh oo-eh o-eh eh eh eh
Ah ach ah ach ach ah a a
Oh ohh ohh hh hhh (etc.)
Hhd d d
Hdd
D d d d da
D dda d dda da
D da d da d da d da d da da
da
Da da demband
Demband demband dembrand dembrandt
Dembrandt Dembrandt Dembrandt
Da do do do da do do do
Do do da do deu d
Do do do deu deu doe deu deu
Deu deu deu da dd deu
Deu deu deu deu
Kneu kneu kneu kneu ote kneu eur
Kneu kneu ote kneu eur
Kneu ote ote ote ote ote
Ote ote ote
Ote ote
Boe
Oote oote oote boe
Oote oote boe oote oote boe
Opwinding
Luister hier naar Hans Renders die in het VPRO-programma OVT vertelt over de opwinding die in april 1952 ontstond na publicatie van dit gedicht.
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Van Ruud Engelander
Hoe sterk is de eenzame fietser
Hoe sterk is de eenzame fietser die krom gebogen
Over zijn stuur, tegen de wind
Zichzelf een weg baant
Hoe zelfbewust de voetbalspeler die voor de ogen
Van het publiek de wedstrijd wint
Zich kampioen waant
Hoe lacht vergenoegd de zakenman zonder mededogen
Die ‘n concurrent verslagen vindt
Zelf haast failliet gaand
En ik zit tevreden hier met de kleine op m’n schoot
De zon schijnt. Er is geen reden
Met rotweer en met harde wind
Te gaan fietsen met dat kind
Als ie maar geen voetballer wordt
Ze schoppen ‘m misschien half dood
Maar liever dat nog
Dan het bord voor z’n kop van de zakenman
Want daar wordt ie alleen maar slechter van
(Luister naar de uitvoering van Boudewijn de Groot:)
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
De dichter (half vier)
Dit schilderij van Marc Chagall heet De Dichter (half vier).
Het is olieverf op linnen, gemaakt in 1911 in Parijs.
Het is één van zijn bekendste werken uit zijn jonge jaren.
Hoofd op hol
De dichter zit eenzaam aan een cafétafeltje, een kop koffie in de hand.
Zijn hoofd is op hol gebracht en zoekt inspiratie; het gedicht ligt op zijn knie, op het tafeltje een appeltje voor de dorst en de kat likt verwachtingsvol.
De fles met Eau de Vie is half leeg en dat completeert het beeld van de straalbezopen dichter, die zichzelf -het is immers half vier- met sterke koffie weer enigszins in het gareel hoopt te krijgen om zo het gedicht nog te redden.
Is dit zomaar een dichter?
Nee!
Het is Blaise Cendrars, die in datzelfde jaar een ‘nogal wild’ gedicht had gemaakt onder de titel Marc Chagall.
In de mooie Volkskrantreeks Moderne Meesters vond ik een Nederlandse vertaling van dit gedicht.
Het gaat zo:
Marc Chagall
Hij slaapt
Nu ontwaakt hij
Ineens schildert hij
Grijpt naar een kerk schildert met een kerk
Grijpt naar een koe schildert met een koe
Een sardine
Met schedels handen meten
Schildert met de zenuwpees van een os
Al het smerige lijden van kleine jodenstadjes
Gekweld door liefdeshartstochten uit de
Russische diepte.
Voor Frankrijk
Dood hart en lusten
Hij schildert met dijen
Draagt in zijn achterste de ogen
Daar ligt uw aangezicht
U bent het geliefde lezer
Ik ben het
Hij is het
De eigen bruid
De winkelier op de hoek
De koeienmeid
De baker
In emmers bloed worden de jonggeborenen
Gespoeld
Hemelse waanzin
Muilen sproeien het modieuze
De Eiffeltoren lijkt op een proppeschieter
Gevouwen handen
Christus
Hijzelf Jezus Christus
Aan het kruis heeft hij zijn hele jeugd geleefd
Een nieuwe zelfmoord elke dag opnieuw
Ineens schildert hij niet meer
Hij was net wakker
Nu slaapt hij
Wurgt zich met een dasspeld
Chagall verbaast
Hem draagt de onsterfelijkheid
‘De cafédichter’ was een ode van de ene buitenlander aan de andere.
Marc Chagall werd in 1887 in een groot Joods gezin geboren in Vitebsk in Wit-Rusland.
Hij ging in 1910 naar Parijs, betrok daar een atelier en sloot vriendschap met ondermeer Guillaume Apollinaire en Cendrars.
Blaise Cendrars werd in 1887 geboren in Chaud-de-Fonds Zwitserland.
Hij verhuisde ook in 1910 naar Parijs, nadat hij al de hele wereld over geweest was.
Hij verzon diverse titels voor werken van Chagall, ondermeer ‘Rusland, de ezels en de anderen’.

Klik HIER voor alle ZoekPoëzie
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Van Jan Arends
Ik
schrijf gedichten
als dunne bomen.
Wie
kan zo mager
praten
met de taal
als ik?
Misschien
is mijn vader
gierig geweest
met het zaad.
Ik heb
hem nooit
gekend
die man.
Ik heb
nooit
een echt woord gehoord
of het deed pijn.
Om pijn
te schrijven
heb je
weinig woorden
nodig.
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Van Gerrit Achterberg
Moeder
Mijn moeder is een grijze vrijdagmorgen:
zij moet de kamer doen; stof beeft;
dan dweilen, voor het eten zorgen,
zien wat van gisteren overbleef.
Ik ben in haar liefde geborgen,
die elk verraad der wereld overleeft:
wie ik ook werd, wij eten overmorgen
de koek die zij gebakken heeft.
Wanneer de zondagmorgen is ontloken
staat heel haar wezen in de blijde bloei
waarin mijn wezen moet zijn aangebroken,
omdat ik dan niet meer gevoel
hoe door de dood is aangestoken,
wat bij een andere vrouw begon.
Pagina 15 van 28

