Poëzie
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Van Peter Hoefnagels
Le souffle au coeur
(regie Louis Malle)
Je zou wel mal zijn..
met zo’n mooie moeder
verbannen naar één suite
van één hotel
- verliefd, verdwaasd
en helemaal vijftien -
leergierig naar haar lichaam
nu je haar ziel al bijna kent….
Je zou wel mal zijn..
met zo’n mooie moeder
in één bed
maakt je moeder school
onder haar beste leerling.
Wat is er tegen?
(behalve je vader dan)?
De film Le souffle au coeur -in het Nederlands vertaald in Hartkloppingen- verscheen in 1971.
Het was opvallend, controversieel en spraakmakend zoals vrijwel alle films van Louis Malle.
Het centrale thema is een incestueuze verhouding tussen een jonge moeder en haar
vijftienjarige zoon.
De film kreeg goede recensies en werd voorgedragen voor een Oscar.
Vooral omdat het een knap en integer gemaakte film was.
Toch betwijfel ik of zo’n film nu nog zo ontvangen zou zijn .
Het is een zeer precair thema, waar we in de jaren zeventig ontvankelijker
voor waren dan nu.
En als het hier om een intieme verhouding zou zijn gegaan tussen een jonge vader en zijn
vijftienjarige dochter was het helemaal taboe geweest.
Verder is het opmerkelijk dat de jongen ook nog eens lichamelijk benaderd wordt door een
pastoor.
Het gedicht van Peter Hoefnagels is opgenomen in de bundel Recht zetten, in 1974
verschenen bij de Rotterdamse Kunststichting in de zogeheten Sonde-reeks.
Moeder & zoon 5: Ibrahim Selman
Moeder
De moeder
Moeder & zoon 3: Martinus Nijhoff
De Wolken
Droom
Moeder & zoon 1: Gerrit Achterberg
Moeder
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Onder de deken van mijn vader
Van Ibrahim Selman
Moeder
Al jaren hoop ik je te zien
gisteren was het zover
je bent in mijn droom gekomen
niet om te blijven
je kwam afscheid nemen
Onder de deken van mijn vader
ging je liggen
hoeveel gaten had hij
in zijn hoofd gekregen?
Eén, drie of dertien
hoeveel jaren is hij
onder de witte aarde begraven?
Vier, acht of zestien
Zonder neuriën en tranen
ben je gauw
gauw
gauw verdwenen
waarheen moeder
waarheen?
Nee,
denk niet aan je zoon
die stijgt nooit op naar de zon
denk andere gedachten
denk aan de lente
denk aan de zon
denk aan alles
niet aan je zoon.
Koerd uit Irak
Ibrahim Selman is een Koerd uit Irak. Hij werd daar in 1952 geboren in het dorpje Zawite.
Hij werkte ondermeer bij de Staatsomroep in Bagdad en ontvluchtte zijn land in 1980. Een jaar later kwam hij in Nederland terecht.
Dit gedicht schreef hij in maart 1990.
Het is opgenomen in de bundel Dans van een bevroren land (De Geus).
Zijn vader werd in 1974 onder het bewind van Saddam Hoessein vermoord.
Tekst op de flap:
Hij schreef zijn eerste gedicht nadat hij in een droom had gezien hoe zijn moeder ‘onder de deken ging liggen’ van zijn in 1974 in het Koerdische gebergte omgebrachte vader
Selman: ‘’… ik verbleef in Amsterdam. In het nieuwe vaderland was het moederland steeds in verschillende gedaanten aanwezig. Elke gedachte fluisterde een gedicht in mijn oor. In mij leefde ook een ander land. Dat land is bevroren sinds mijn moeder mijn vader weer heeft gevonden…’
De moeder
De Wolken Droom Moeder
Moeder & zoon 3: Martinus Nijhoff
Moeder & zoon 1: Gerrit Achterberg
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Remembrandt
In 1979 had de Spaanse schilder en graficus Antonio Saura een overzichtstentoonstelling in het Stedelijk Museum.
Bert Schierbeek schreef bij die gelegenheid de catalogus.
Dat was een eervolle opdracht. Vrij logisch ook, want Schierbeek had al eens samen met Saura het project Remembrandt uitgevoerd.
Niet alleen een bijzondere kunstuiting maar ook een ode aan de schilder.
Bovendien had Schierbeek zijn bijzondere gedicht ‘R van R te A’ opgedragen aan Saura.
Dat gaat zo:
Van Bert Schierbeek
R van R te A
Voor Antonio Saura
Rembrandt van Rijn
stond alleen (en
verarmd)
voor zijn huis
(wat eens het zijne was)
en keek om zich heen
‘een woestijn’
dacht hij
en zijn mijn ogen
zo oud dat ik niets
meer zie en alles
leeg is? Rembrandthuis
Jodenbreestraat
Geen mens te zien Amsterdam
en ik heb ze allemaal
gekend en men zegt Maupi
die had mij ook al ver-
kocht, maar toch
hoor ik:
die woont hier niet
meer die hep zijn chance
in de volledige Caransa
gepakt
en dan zeg ik
R. van R.
niets meer: ik kijk in de richting
Nieuwmarkt en dat is
niet moeilijk….
ik kijk door alles heen
door één groot venster
één verschrikkelijke deur
(er is geen vriend meer over
en ook geen tulband met pak)
op de rondvaartboten hoort hij
zijn naam en ook in ‘t museum
hij was er nog eens gaan kijken
en dacht ‘t is goed dat ze d’r
hebben gewassen, vroeger deden we
dat niet zoveel Hendrikje en ik
R. van R. schudt zijn hoofd
En hoort
(terecht)
temidden van een zonsondergang
een gezang:
wat is er zo lastig REMEMBRANDT 1
in een stad Antonio Saura
waarin minder lastig Zeefdrukken 1973
zijn
dan de meesten REMEMBRANDT 2
is het
dat de meesten niet
zien
dat zij
zonder minder
nooit
de meeesten zijn
en door de
gaten van ‘t geweld
van ‘t geld
daalt de zon in een
gloeiende spiegel en voelt
hij zijn ouderdom R. van R. en
verrimpelt en smelt en
worden zijn ogen zonnen
en zijn hoofd een
zéér grote traan
waarin nog éénmaal de
stad en wat ze had
(hij ziet het)
en wat er bijkwam
en verlaat dit stelsel
voorgoed.
Wat schreef Bert Schierbeek in die catalogus ?
Wel.
De Nederlandse dichter constateert dat de Spaanse schilder een haat-liefde verhouding had met zijn land.
Hij groeide daar namelijk op onder de Franco-dictatuur.
Schierbeek:
‘Die verhouding, met alles wat er tussen ligt aan sarcasme, woede, verscheurdheid, masochisme, humor en intelligentie, vormt de emotionele basis van zijn werk. Daarom deformeert hij het verleden tot het heden. Ingrijpen in de mythe, ontmythologiseren, ontwaarden, daaruit vloeiden voort zijn portretten van Philips II, zijn kruisigingen, de portretten van Goya en Rembrandt’.
Remembrandt 1 Remembrandt 2 Remembrandt 3 Remembrandt 4
ZoekPoëzie 1: Slauerhoff
Maneschijn te Tsingtao
ZoekPoëzie 2; Natasha Lako
De vier heldinnen van Mirdita
ZoekPoëzie 3: Ursula Krechel
Boetedagen
ZoekPoëzie 4; Hugo Claus
Voor Gerrit Kouwenaar
En Rade
ZoekPoëzie 6; Johnny the Selfkicker
Dendermonde 63
ZoekPoëzie 7; Carlos Drummond de Andrade
De liefde, natuurlijk
ZoekPoëzie 8: James S. LaVilla-Havelin
Silver nights in Rochester
Jeugdherinnering
ZoekPoëzie 10: C.S. Adama van Scheltema
De Dijk
ZoekPoëzie 11: Wyslawa Szymborska
ZoekPoëzie 12; Drs.P
Heen & Weer
Voor de klei-ne-ren
Bommen
Meisjes van dertien
Zoekpoëzie 16: Joan Hambidge & Elisabeth Eybers
Bloedbanden
ZoekPoëzie 17: Marc Chagall & Blaise Cendrars
De dichter (Half vier)
Droom in Tenochtitlán
's Morgens
ZoekPoëzie 20; Slauerhoff versus Schotman
Benard advies
Een witte bungalow op Capri
Empathy for Dave Winfield
ZoekPoëzie 23: Maurice Gilliams
Winter te Schilde
ZoekPoëzie 24: Saul van Messel
Restaurant
ZoekPoëzie 25: Jacques van Tol
De olieman heeft een Fordje opgedaan
Hoop op Iwosyg
The stinking Rose
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Van Michel van der Plas
Sandra
Heel de week speelt ze door zijn gedachten
Heel de week mist hij haar stem en haar lach
Zes dagen lang kijkt hij uit naar die ene
Korte, maar zekere zaterdag
Zaterdag is er dan eindelijk die middag
Wat zal ze aan hebben? Komt ze te laat?
Zaterdag, klein en nerveus in zijn auto
Wacht hij haar op, op de hoek van de straat
Daar komt ze aan, hip en wel met haar krullen
Weg is die angst van ze komt niet misschien
Zaterdag is het, en blij zit hij naast haar
Zaterdag mag hij Sandra zien
Iedere keer moet hij toch even wennen
Wil hij iets liefs zeggen, weet niet goed hoe
Aarzelt: ‘Wat zullen we?’ en zegt ze vleiend:
‘Artis weer, papa, en Cineac toe’
Godzijdank lacht ze, praat ze, vertelt ze:
‘De meester is duf en de poes is weer zoek’
Ongemerkt rijdt hij harder dan anders
En hij ziet klokken op iedere hoek
Zo heeft de rechter beslist, en vier uren
Is ze van hem in een vast stramien
Zaterdag is zijn alimentatie
Zaterdag mag hij Sandra zien
Sandra ronddansend in Artis, en daarna
Sandra doodstil in de Cineac
Onder de tekenfilm, veilig in ‘t donker
Stopt hij een riks in haar mantelzak
Daarna een ijsje en daarna nog cola
Hij neemt er ook één maar ‘t smaakt hem niet best
‘t Laatste half uur, er is niets meer te zeggen
Rijden ze zomaar wat rond door Nieuw-West
Zes uur zet hij haar af op het hoekje
Denkt: veel te wijs voor een meisje van tien
Zaterdag laat heeft hij te veel gedronken
Volgende week mag hij Sandra zien
Het gedicht is uit 1969 en werd op muziek gezet door Rogier van Otterloo.
Luister hier naar de vertolking van Frans Halsema.
Vader & dochter
Vader en dochter 4: Michel van der Plas
Sandra
Vader en dochter 3: Annie M.G. Schmidt
Op een mooie Pinksterdag
Vader en dochter 2: F. Harmsen van Beek
Moeder of vader
Vader en dochter 1: Eva Gerlach
Een heer in een ver land
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Op Thomas zijn vierde verjaardag
Vader & Zoon
Pagina 11 van 28

