Poëzie

 

‘Hier werd’ springt, goud op grijs, naar voren

‘Van Hattum, de poëet, geboren’.

 

 

Modern schilderij van een Fries dorp

 

Het huis valt niet erg op en staat aan een brede laan te Wommels in het hart van Friesland.
      Onder het linkerluikje, bijna op de grond, is een bordje bevestigd met daarop de tekst dat hier de dichter Jac. van Hattum is geboren.
Je moet het weten, want vanaf de straat is het niet te zien.
En je kunt dit alleen weten als je het volgende gedicht hebt gelezen:

 

Van Jac. van Hattum


Modern schilderij van
het Friese dorp Wommels

Over het dorp staat Meinte IV,

de goudbekroonde stamboekstier;

begrensd door vier lijnrechte sloten

ligt Wommels tussen Meintes poten.

 

En verder ligt, naar alle kant,

gegazonneerd, Gods eigen land;

en in die welige landouwen

grazen, gestamboekt, Meintes vrouwen.

 

Minutieus, tot op het uur

der wijzerplaat in miniatuur,

is onder Meinte weergegeven

het dorp met z’n bezadigd leven.

 

Onder die huizen is er één

met een moderne gevelsteen:

‘Hier werd’ springt, goud op grijs, naar voren

‘Van Hattum, de poëet, geboren’.

 

Dan, in de lucht, lazuur en keel,

Het wapen van Hennaarderadeel,

wijl engeltjes ‘t effect verhogen

op flarden wolk de ellebogen.

 

En wijders ligt op het tableau

een kalf, gebonden, op wat stro;

en vechten zwartmetalen roeken

met bloederige moederkoeken.

 

In ’t Fries museum staat ’t paneel

te boek als ‘In Hennaarderadeel’

en wordt uitvoeriger beschreven

in: ’Frieslands rijke schildersleven’.

 

 

Het bordje is inderdaad grijs, maar gouden letters heb ik niet gezien. Jac. Van Hattum bracht hier dus een groot deel van zijn jeugd door.
      Hij overleed in 1977. Wommels behoorde toen nog tot de gemeente Hennaarderadeel.
In 1984 ging die gemeente samen met Baarderadeel en werd de nieuwe gemeente Littenseradiel.


Van Hattum had het niet zo op Wommels. Te streng gelovig.
      Dat vond ook burgemeester Wiardus Willem Hopperus Buma, bij wie zijn vader tuinman was.

Buma liet door hem een tuin aanleggen bij zijn nieuwe villa.
      Maar de burgemeester had moeite met de streng gereformeerden in zijn gemeente en vetrok in 1905 naar Haarlem.
Daar liet hij steen voor steen zijn villa weer opbouwen op een mooie plek aan Het Spaarne.
      Maar de tuinman ging niet mee. Die vertrok in 1913 naar de Veluwe.

 

ZoekPoëzie 1: Slauerhoff
Maneschijn te Tsingtao


ZoekPoëzie 2; Natasha Lako
De vier heldinnen van Mirdita

 
ZoekPoëzie 3: Ursula Krechel
Boetedagen

 

 ZoekPoëzie 4; Hugo Claus
Voor Gerrit Kouwenaar

 

 ZoekPoëzie 5; Jan Engelman
En Rade

 

 ZoekPoëzie 6; Johnny the Selfkicker
Dendermonde 63

 

 ZoekPoëzie 7; Carlos Drummond de Andrade
De liefde, natuurlijk

 

 ZoekPoëzie 8: James S. LaVilla-Havelin
Silver nights in Rochester

 

 ZoekPoëzie 9; Simon de Geus
Jeugdherinnering

 

 ZoekPoëzie 10: C.S. Adama van Scheltema
De Dijk

 
ZoekPoëzie 11: Wyslawa Szymborska
Een bewogen herbegrafenis

 

 ZoekPoëzie 12; Drs.P
Heen & Weer

 

 ZoekPoëzie 13: Tan-te Pol-lie
Voor de klei-ne-ren

 

 Zoekpoëzie 14: Paul Rodenko
Bommen

 

 Zoekpoëzie 15: Paul van Vliet
Meisjes van dertien

 

 Zoekpoëzie 16: Joan Hambidge & Elisabeth Eybers
Bloedbanden

 

 ZoekPoëzie 17: Marc Chagall & Blaise Cendrars
De dichter (Half vier)

 

 ZoekPoëzie 18: Homero Aridjis
Droom in Tenochtitlán

 

 ZoekPoëzie 19; Jan Hanlo
's Morgens

 

 ZoekPoëzie 20; Slauerhoff versus Schotman
Benard advies

 

 ZoekPoëzie 21; Pablo Neruda
Een witte bungalow op Capri

 

ZoekPoëzie 22: David Shapiro
Empathy for Dave Winfield

 

 ZoekPoëzie 23: Maurice Gilliams
Winter te Schilde

 

 ZoekPoëzie 24: Saul van Messel
Restaurant

 

 ZoekPoëzie 25: Jacques van Tol
De olieman heeft een Fordje opgedaan

 

 ZoekPoëzie 26: Lucebert
Hoop op Iwosyg

 

 ZoekPoëzie 27: Sujata Bhatt
The stinking Rose

 

 ZoekPoëzie 28: Bert Schierbeek
Remembrandt

 

 ZoekPoëzie 29: Peter Paul Zahl
In naam van het volk

 

 ZoekPoëzie 30; Marnix Gijsen & René de Clercq
Mijn moeder was een heilige vrouw

 

 ZoekPoëzie 31; Simon Vestdijk & Willem Elsschot
Slachtoffer Marinus van der Lubbe

 

ZoekPoëzie 32; Bertus Aafjes & Han G. Hoekstra
Achter de Ruit (Van Han G. Hoekstra)

 

ZoekPoëzie 33: K.Schippers & J.H.
The value of comma's

 

 ZoekPoëzie 34: Denise Levertov
Misschien Geen Gedicht Maar Alles Wat Ik Zeggen Kan
En Ik Kan Niet Zwijgen

 

 ZoekPoëzie 35: Ben Cami
Vier uitééngereten kinderen

 

ZoekPoëzie 36: Jan Kal & de kale berg
Mont Ventoux 

 

  

Vier uitééngereten kinderen

 

Ben Cami (1920-2004) is een Vlaams dichter die hier vrijwel onbekend is.
      In een verzamelbundel vond ik een gedicht van hem, dat mij behoorlijk trof.
Hij beschrijft een opmerkelijk incident, waarbij soldaten vier kinderen vermoordden.
      Ze gooiden een handgranaat in hun schuilplaats, nadat ze de kinderen tien tellen de tijd hadden gegeven om tevoorschijn te komen.
     
Noem het één van de vele oorlogsincidenten, die altijd en overal gebeuren.


Het gaat zo:

 

Aan de grens tussen dorp en jungle

Ontdekken de soldaten een schuilplaats

Onder de struiken gegraven

Met stokken en vingernagels

 

Van op veilige afstand schreeuwen ze het bevel

En tellen hun tien

Menslievende

Seconden

 

Eén van hen werpt de granaat

Die de aarde en de struiken openscheurt

En het vlees van de kinderen, -

 

Vier kinderen

Blijkbaar te dom om te leren tellen,

Gekweekt onder de vleugels van het Westen.

 

 

 


In welke oorlog gebeurde dit?                                                                             
Blanco Stem

                                                                                                                                                                                   Tekening: René van Houtven


Aanvankelijk meende ik dat dit zich afspeelde in -voormalig- Belgisch Congo.
     
Maar daar was ik natuurlijk niet zeker van en daarom ik nam contact op met Els van Damme van de Universiteit van Gent.
Zij is mede-samensteller van de bundel Ben Cami, gedichten

Ik kreeg dit antwoord:

 


Geachte heer Van den Boogaard,

Het gedicht verwijst wellicht naar de oorlog in Vietnam. Of er een
specifiek incident aan ten grondslag ligt, kan ik jammer genoeg niet
zeggen. Wel geef ik graag even mee dat de bundel waarin het gedicht
oorspronkelijk verscheen (Blanco stem, 1967), meerdere referenties
bevat aan de Vietnam-oorlog. Dat maakt het aannemelijk om ook
onderstaande versregels in dat licht te lezen.

Vriendelijke groeten,
Els Van Damme

 

Bittere druiven

Bij het Poëziecentrum Gent bestelde ik de in eigen beheer uitgegeven bundel Blanco Stem. (Oplage 400 exemplaren).
      En inderdaad: In het onderdeel ‘Al te bittere druiven der gramschap’ is geëngageerde poëzie opgenomen.
Een aantal gedichten hekelt de Amerikaanse inmenging in Vietnam.


Over De Spaanse dictator Franco schrijft hij ondermeer:

Van het beest Amerika

Dat sigaren rookt en landen vreet

En dollars zuigt uit inboorlingen

Ben jij, mijn waarde politicus

De hoer

 

Om uw geheugen nog even te helpen:

De Vietnam Oorlog duurde van 1957 tot 1975.
      Er vielen 2.5 miljoen Vietnamese doden. 58.226 Amerikanen sneuvelden of zijn -nog steeds- vermist.
Amerika gebruikte in deze vuile oorlog het ontbladeringsmiddel onder de codenaam Agent Orange en napalm.
      Bekendste films zijn The Deer Hunter en Apocalypse Now.
Op 16 maart 1968 werden in het dorpje My Lai meer dan 400 mannen, vrouwen en kinderen vermoord omdat er geruchten waren dat er Vietcong-strijders in het dorpje zouden zijn.

 

ZoekPoëzie 1: Slauerhoff
Maneschijn te Tsingtao


ZoekPoëzie 2; Natasha Lako
De vier heldinnen van Mirdita

 

ZoekPoëzie 3: Ursula Krechel
Boetedagen

 

ZoekPoëzie 4; Hugo Claus
Voor Gerrit Kouwenaar

 

ZoekPoëzie 5; Jan Engelman
En Rade

 

ZoekPoëzie 6; Johnny the Selfkicker
Dendermonde 63

 

ZoekPoëzie 7; Carlos Drummond de Andrade
De liefde, natuurlijk

 

ZoekPoëzie 8: James S. LaVilla-Havelin
Silver nights in Rochester

 

ZoekPoëzie 9; Simon de Geus
Jeugdherinnering

 

ZoekPoëzie 10: C.S. Adama van Scheltema
De Dijk


ZoekPoëzie 11: Wyslawa Szymborska
Een bewogen herbegrafenis

 

ZoekPoëzie 12; Drs.P
Heen & Weer

 

ZoekPoëzie 13: Tan-te Pol-lie
Voor de klei-ne-ren

 

Zoekpoëzie 14: Paul Rodenko
Bommen

 

Zoekpoëzie 15: Paul van Vliet
Meisjes van dertien

 

Zoekpoëzie 16: Joan Hambidge & Elisabeth Eybers
Bloedbanden

 

ZoekPoëzie 17: Marc Chagall & Blaise Cendrars
De dichter (Half vier)

 

ZoekPoëzie 18: Homero Aridjis
Droom in Tenochtitlán

 

ZoekPoëzie 19; Jan Hanlo
's Morgens

 

ZoekPoëzie 20; Slauerhoff versus Schotman
Benard advies

 

ZoekPoëzie 21; Pablo Neruda
Een witte bungalow op Capri

 

ZoekPoëzie 22: David Shapiro
Empathy for Dave Winfield

 

ZoekPoëzie 23: Maurice Gilliams
Winter te Schilde

 

ZoekPoëzie 24: Saul van Messel
Restaurant

 

ZoekPoëzie 25: Jacques van Tol
De olieman heeft een Fordje opgedaan

 

ZoekPoëzie 26: Lucebert
Hoop op Iwosyg

 

ZoekPoëzie 27: Sujata Bhatt
The stinking Rose

 

ZoekPoëzie 28: Bert Schierbeek
Remembrandt

 

ZoekPoëzie 29: Peter Paul Zahl
In naam van het volk

 

ZoekPoëzie 30; Marnix Gijsen & René de Clercq
Mijn moeder was een heilige vrouw

 

ZoekPoëzie 31; Simon Vestdijk & Willem Elsschot
Slachtoffer Marinus van der Lubbe


ZoekPoëzie 32; Bertus Aafjes & Han G. Hoekstra
Achter de Ruit (Van Han G. Hoekstra)


ZoekPoëzie 33: K.Schippers & J.H.
The value of comma's

 

ZoekPoëzie 34: Denise Levertov

Misschien Geen Gedicht Maar Alles Wat Ik Zeggen Kan

En Ik Kan Niet Zwijgen

 

 

De genocide in Sabra & Shatila

 

Het gebeurde tussen 16 en 18 september 1982.
      In de Palestijnse vluchtelingenkampen Sabra en Shatila in de Libanese hoofdstad Beiroet, werd een bloedbad aangericht.
Christelijke Falangisten vermoordden daar een groot aantal Palestijnen.
      Volgens sommige bronnen 700; volgens andere bronnen 3.500; Het Nederlands Ministerie van Buitenlandse Zaken houdt het op ruim 1.000.
Het Israëlische leger dat zich toen in Beiroet bevond, omdat de premier van Libanon Bashir Gemayel op 14 september door een Palestijnse bom was gedood, keek toe en greep niet in.

Een Onderzoekscommissie in Israël concludeerde later dat het leger niet hard genoeg had opgetreden. Het had er een eind aan moeten maken.
      Ariel Sharon, die toen minister van Defensie was, werd verantwoordelijk gehouden voor het niet voorzien van de Falangistische wraakacties. Sharon zou volgens dit rapport uit zijn ambt moeten worden gezet en Yitzhak Shamir, toen opperbevelhebber van het leger, werd berispt.
      Ook de toenmalig premier Menachem Begin kreeg hevige kritiek.

In een officieel stuk van de Verenigde Naties werd later gesproken over genocide.
      Time-Magazine stelde in 1987 Ariel Sharon direct verantwoordelijk voor het bloedbad.

 

Denise Levertov (1923-1997) schreef direct na het bekend worden van dit incident een mooi en bewogen gedicht, waar ze haar ouders in betrekt.
      Zij werd geboren in Ilford Engeland en verhuisde later naar de Verenigde Staten.
Haar vader was een Chassidische Jood uit Rusland (Ultra-Orthodox), die naar Engeland verhuisde. Haar moeder werd geboren in Wales en was eveneens een streng religieuze vrouw, maar geen Jodin.

 

De oorspronkelijk titel van haar gedicht luidt:

Perhaps No Poem But All I Can Say

                        And I Cannot Be Silent

 

In de Nederlandse vertaling gaat dat zo:


Misschien Geen Gedicht Maar Alles Wat Ik Zeggen Kan

                                                            En Ik Kan Niet Zwijgen

 

 

Als vroom christen was het voor mijn vader

een bron van vreugde en trots om

(net als Jezus en de Apostelen)

jood te zijn.

                     Het was

                     de chassidische leer, zijn erfgoed,

                     waar hij uit putte om

                     de Heilige Geest te kennen als sjechina.

 

Mijn niet-joodse moeder, door en door Wels,

en net als mijn vader gesterkt

door een diep geloof, koesterde

heel haar lange leven de woorden

van Israël Zangwill, die haar zei:

‘Je hebt een joodse ziel’.

 

Ik, hun dochter (’vlees van hun vlees,

                               been van hun gebeente’)

die in deze eeuw van terreur een libretto

schrijft over El Salvador, het lijden,

                                                       de martelaren,

 

kijk op van mijn blad naar

de porties nieuws -die bedorven

brokken geschiedenis

ons dagelijks opgedrongen en door

de strot gewrongen-

                                                  en zie dat

                                                  In Libanon

                                                  zogenaamde joden toelieten

                                                  dat zogenaamde christenen

                                                  een pogrom (’bliksem der verwoesting’) aanrichtten

                                                  onder een weerloos volk (een stam

                                                  van ouds verwant met de hunne en nu

                                                  geconcentreerd

                                                                           in kampen….)

 

Mijn vader -mijn moeder-

Ik heb naar jullie verlangd.

Ik zie nu,

                      het is goed dat jullie niet meer zijn,

niet meer

zijn van deze Tijd,

niet meer van deze tijd met zijn

last van schaamte die jullie gebeente, uitgeput

door eigen jaren van

tragische geschiedenis,

zeker niet had kunnen dragen.

 

Vertaling: Kathleen Rutten/ Ad van Rijsewijk

Het gedicht werd in 1984 opgenomen in de bundel Oblique Prayers: New Poems

 

 

ZoekPoëzie 1: Slauerhoff
Maneschijn te Tsingtao


ZoekPoëzie 2; Natasha Lako
De vier heldinnen van Mirdita

 

ZoekPoëzie 3: Ursula Krechel
Boetedagen

 

ZoekPoëzie 4; Hugo Claus
Voor Gerrit Kouwenaar

 

ZoekPoëzie 5; Jan Engelman
En Rade

 

ZoekPoëzie 6; Johnny the Selfkicker
Dendermonde 63

 

ZoekPoëzie 7; Carlos Drummond de Andrade
De liefde, natuurlijk

 

ZoekPoëzie 8: James S. LaVilla-Havelin
Silver nights in Rochester

 

ZoekPoëzie 9; Simon de Geus
Jeugdherinnering

 

ZoekPoëzie 10: C.S. Adama van Scheltema
De Dijk

 
ZoekPoëzie 11: Wyslawa Szymborska
Een bewogen herbegrafenis

 

ZoekPoëzie 12; Drs.P
Heen & Weer

 

ZoekPoëzie 13: Tan-te Pol-lie
Voor de klei-ne-ren

 

Zoekpoëzie 14: Paul Rodenko
Bommen

 

Zoekpoëzie 15: Paul van Vliet
Meisjes van dertien

 

Zoekpoëzie 16: Joan Hambidge & Elisabeth Eybers
Bloedbanden

 

ZoekPoëzie 17: Marc Chagall & Blaise Cendrars
De dichter (Half vier)

 

ZoekPoëzie 18: Homero Aridjis
Droom in Tenochtitlán

 

ZoekPoëzie 19; Jan Hanlo
's Morgens

 

ZoekPoëzie 20; Slauerhoff versus Schotman
Benard advies

 

ZoekPoëzie 21; Pablo Neruda
Een witte bungalow op Capri

 

ZoekPoëzie 22: David Shapiro
Empathy for Dave Winfield

 

ZoekPoëzie 23: Maurice Gilliams
Winter te Schilde

 

ZoekPoëzie 24: Saul van Messel
Restaurant

 

ZoekPoëzie 25: Jacques van Tol
De olieman heeft een Fordje opgedaan

 

ZoekPoëzie 26: Lucebert
Hoop op Iwosyg

 

ZoekPoëzie 27: Sujata Bhatt
The stinking Rose

 

ZoekPoëzie 28: Bert Schierbeek
Remembrandt

 

ZoekPoëzie 29: Peter Paul Zahl
In naam van het volk

 

ZoekPoëzie 30; Marnix Gijsen & René de Clercq
Mijn moeder was een heilige vrouw

 

ZoekPoëzie 31; Simon Vestdijk & Willem Elsschot
Slachtoffer Marinus van der Lubbe

 
ZoekPoëzie 32; Bertus Aafjes & Han G. Hoekstra
Achter de Ruit (Van Han G. Hoekstra)

 
ZoekPoëzie 33: K.Schippers & J.H.
The value of comma's

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Poëtisch kommaneuken

 

Van K. Schippers

 

The value of comma’s

 Voor J.H.

The mayor says the inspector is an ass.

The mayor, says the inspector, is an ass.

The mayor says, the inspector is an ass.

 

Wie is J.H. ?

Daar kan maar één antwoord op zijn: Jan Hanlo. (Zoekpoëzie 19)

Niet alleen een zeer bijzonder en fantasierijk dichter, maar ook een erkend kommaneuker.
      Een auteur met zeer grote aandacht voor de kleinste bijzonderheden. Iemand die altijd bang was, dat er bij de publicatie van zijn gedichten en proza fouten gemaakt zouden worden.
      De gedachte, dat er na zijn dood iets gepubliceerd zou worden dat hij niet meer kon corrigeren, was voor hem een soort nachtmerrie.

Schippers en Hanlo kenden elkaar goed.
      In eerste instantie vooral van het luchtige literaire tijdschrift Barbarber, dat Schippers in 1958 samen met G. Brands oprichtte.
J. Bernlef kwam daar al snel bij.
      In 1964 maakten Schippers en Bernlef een zeer bekend geworden interview met Hanlo, waaruit veelvuldig geciteerd wordt in de mooie biografie van Hans Renders.
     
Daarin is bijvoorbeeld ook een gedicht van Schippers ‘met Hanlo-eske’ trekken opgenomen.

 

 

Bloemen: een oud lied


voor iemand die ik aardig vind

en die mij hoop ik ook bemint

 

ze mint me

ze mint me niet

ze mint me

ze mint me niet

ze mint me

ze mint me niet

ze mint me

ze mint me niet

ze mint me

ze mint me niet etc.

 

Vrij Nederland

 
In een herdenkingsartikel in Vrij Nederland na de dood van Jan Hanlo noemen Schippers en Bernlef hem ‘de grootste dichter en prozaschrijver in de Nederlandse taal van de laatste honderd jaar’.

K. Schippers is dichter en prozaschrijver.
      Hij won ondermeer de Multatuliprijs, de P.C.Hooftprijs en de Libris literatuurprijs.
In Barbarber introduceerde hij de readymade als kunstvorm.

 

 

ZoekPoëzie 1: Slauerhoff
Maneschijn te Tsingtao

 

ZoekPoëzie 2; Natasha Lako
De vier heldinnen van Mirdita


ZoekPoëzie 3: Ursula Krechel
Boetedagen

 

ZoekPoëzie 4; Hugo Claus
Voor Gerrit Kouwenaar

 
ZoekPoëzie 5; Jan Engelman
En Rade

 

ZoekPoëzie 6; Johnny the Selfkicker
Dendermonde 63 

 

ZoekPoëzie 7; Carlos Drummond de Andrade
De liefde, natuurlijk

 

ZoekPoëzie 8: James S. LaVilla-Havelin
Silver nights in Rochester

 

ZoekPoëzie 9; Simon de Geus
Jeugdherinnering

 

ZoekPoëzie 10: C.S. Adama van Scheltema
De Dijk

 

ZoekPoëzie 11: Wyslawa Szymborska
Een bewogen herbegrafenis
 

 

ZoekPoëzie 12; Drs.P
Heen & Weer

 

ZoekPoëzie 13: Tan-te Pol-lie
Voor de klei-ne-ren

 

Zoekpoëzie 14: Paul Rodenko
Bommen

 

Zoekpoëzie 15: Paul van Vliet
Meisjes van dertien

 

Zoekpoëzie 16: Joan Hambidge & Elisabeth Eybers
Bloedbanden

 

ZoekPoëzie 17: Marc Chagall & Blaise Cendrars
De dichter (Half vier)

 

ZoekPoëzie 18: Homero Aridjis
Droom in Tenochtitlán

 

ZoekPoëzie 19; Jan Hanlo
's Morgens

 

ZoekPoëzie 20; Slauerhoff versus Schotman 
Benard advies 

 

ZoekPoëzie 21; Pablo Neruda
Een witte bungalow op Capri

 

ZoekPoëzie 22: David Shapiro
Empathy for Dave Winfield

 

ZoekPoëzie 23: Maurice Gilliams
Winter te Schilde

 

ZoekPoëzie 24: Saul van Messel
Restaurant

 

ZoekPoëzie 25: Jacques van Tol
De olieman heeft een Fordje opgedaan

 

ZoekPoëzie 26: Lucebert
Hoop op Iwosyg

 

ZoekPoëzie 27: Sujata Bhatt
The stinking Rose

 

ZoekPoëzie 28: Bert Schierbeek
Remembrandt

 

ZoekPoëzie 29: Peter Paul Zahl
In naam van het volk

 

ZoekPoëzie 30; Marnix Gijsen & René de Clercq
Mijn moeder was een heilige vrouw

 

ZoekPoëzie 31; Simon Vestdijk & Willem Elsschot
Slachtoffer Marinus van der Lubbe

 

ZoekPoëzie 32; Bertus Aafjes & Han G. Hoekstra
Achter de Ruit (Van Han G. Hoekstra)

 

 

 

Van Bertus Aafjes

 

Achter de ruit (van Han G. Hoekstra)

 

O zorgeloos en prachtig Amsterdam

-De ruit is in een aquarel herboren-

En duiven vallen rond de Westertoren

Als dwarrelende bloesem rond de stam

 

Een beiaardier, die aan het klokzeel kwam-

‘Lief Vaderland, vaarwel’ klinkt me in de oren…

Dan jubelen de negen englenkoren

en storten schrijlings over Waag en Dam.

 

De ruit wordt door mijn adem grijs bezet;

Het water stijgt. De zilvren stad loopt onder;

Mensen noch duiven, niemand wordt gered.

 

Maar met de vinger teken ik een vlonder

En zie, een duif vliegt door het lichtspoor met

een tak olijf. De wereld is een wonder.

 

Van Han G. Hoekstra



Gasthuismolensteeg


Er springen liedjes uit de Westertoren.

Ik hoor ze in de Gasthuismolensteeg,

Er waren jaren dat de toren zweeg,

toen kon men andere geluiden horen.

 

Twee jongens werkten met een korte ruk

hun sleede brug op. De ene draagt een jekker

en commandeert, plat op zijn buik, de trekker.

Ik ken dat nog, die slede, dat geluk.

 

Een vrouwtje, als mijn moeder al zou oud,

steekt de straat over. Een man helpt haar even.

Ik doe niets. Ik kijk zo maar naar het leven

en denk hoe eindeloos ik ervan houd.

 

 

ZoekPoëzie 1: Slauerhoff
Maneschijn te Tsingtao

 

ZoekPoëzie 2; Natasha Lako
De vier heldinnen van Mirdita

 
ZoekPoëzie 3: Ursula Krechel
Boetedagen

 

ZoekPoëzie 4; Hugo Claus
Voor Gerrit Kouwenaar

 

 ZoekPoëzie 5; Jan Engelman
En Rade

 

ZoekPoëzie 6; Johnny the Selfkicker

Dendermonde 63 

 

ZoekPoëzie 7; Carlos Drummond de Andrade

De liefde, natuurlijk

 

ZoekPoëzie 8: James S. LaVilla-Havelin

Silver nights in Rochester

 

ZoekPoëzie 9; Simon de Geus

Jeugdherinnering

 

ZoekPoëzie 10: C.S. Adama van Scheltema

De Dijk

 

ZoekPoëzie 11: Wyslawa Szymborska

Een bewogen herbegrafenis 

 

ZoekPoëzie 12; Drs.P
Heen & Weer 

 

ZoekPoëzie 13: Tan-te Pol-lie
Voor de klei-ne-ren

 

Zoekpoëzie 14: Paul Rodenko

Bommen

 

Zoekpoëzie 15: Paul van Vliet
Meisjes van dertien

 

Zoekpoëzie 16: Joan Hambidge & Elisabeth Eybers

Bloedbanden

 

ZoekPoëzie 17: Marc Chagall & Blaise Cendrars

De dichter (Half vier)

 

ZoekPoëzie 18: Homero Aridjis

Droom in Tenochtitlán

 

ZoekPoëzie 19; Jan Hanlo

's Morgens

 

ZoekPoëzie 20; Slauerhoff versus Schotman 

Benard advies 

 

ZoekPoëzie 21; Pablo Neruda
Een witte bungalow op Capri

 

ZoekPoëzie 22: David Shapiro
Empathy for Dave Winfield

 

ZoekPoëzie 23: Maurice Gilliams
Winter te Schilde

  

ZoekPoëzie 24: Saul van Messel

Restaurant

 

ZoekPoëzie 25: Jacques van Tol

De olieman heeft een Fordje opgedaan

 

ZoekPoëzie 26: Lucebert

Hoop op Iwosyg

 

ZoekPoëzie 27: Sujata Bhatt

The stinking Rose

 

ZoekPoëzie 28: Bert Schierbeek

Remembrandt

 

ZoekPoëzie 29: Peter Paul Zahl

In naam van het volk

 

ZoekPoëzie 30; Marnix Gijsen & René de Clercq

Mijn moeder was een heilige vrouw 

 

ZoekPoëzie 31; Simon Vestdijk & Willem Elsschot
Slachtoffer Marinus van der Lubbe