Poëzie
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Slachtoffer: Marinus van der Lubbe
Marinus van der Lubbe werd -24 jaar pas- op 10 januari 1934 onthoofd.
Hij werd schuldig bevonden aan brandstichting in de Rijksdag in Berlijn op 27 februari 1933; nog geen maand nadat Adolf Hitler op 30 januari van dat jaar Rijkskanselier was geworden.
Over dat proces en over de gang van zaken rond die brandstichting is veel geschreven en gespeculeerd; er zijn films en documentaires van gemaakt, waarbij veel mensen veel meningen geven en elkaar ook voortdurend tegenspreken.
Maar dat Van der Lubbe het slachtoffer was van een verziekt politiek proces is duidelijk.
En verder is het duidelijk dat die brand de Nazi’s goed uitkwam, want hierna konden zij hun terreur uitbreiden.
Van der Lubbe stond terecht met drie Communisten uit Bulgarije -waaronder Georgi Dimitroff- en met fractievoorzitter Ernst Torgler van de KPD, de Duitse communistische partij in die dagen.
Van der Lubbe was de enige die schuldig bevonden werd. Veel later na de oorlog werd hij overigens door de Duitsers gerehabiliteerd.
Simon Vestdijk schreef in 1934 een mooi gedicht over Van der Lubbe.
Willem Elsschot was daar zo van onder de indruk, dat hij er ook een gedicht over schreef en dat opdroeg aan Simon Vestdijk.
Hier komen beide gedichten.
Van Simon Vestdijk
Grafschrift
Zijn kop was te Mongoolsch voor deze lage landen.
En voor het licht waren zijn oogen veel te dof.
Ook ongeboeid hield hij stijf uitgestrekt zijn handen,
En werd zelfs nog uitgevloekt door Dimitroff
Die anders toch zoo weerzinwekkend grof
Zijn geestverwanten niet poogt aan te randen
Dan was er nog een graaf die riep: ‘Je kop op schoft!’.
Hij deed het, -maar hij zweeg van Duitsche binnenbranden.
Trap op trap af door zalen, vlammend of gedoofd.
Kop op kop af: wij spreken van hoofd
Bij wie én vriend én vijand als een botterik verwenschen…
De schizophrenen en de simpelen van geest-
Bij oude Christenen, Hussieten, Albigenzen
Zijn voor het ideaal de beste mest geweest.
Van Willem Elsschot
Van der Lubbe
Aan Simon Vestdijk
Jongen., met je wankel hoofd
aan de beul vooruit beloofd,
toen je daar je lot verbeidde
stond ik wenend aan je zijde.
De operette duurde lang:
van het wraakhof naar ‘t gevang,
van ‘t gevang weer naar het hof,
in de boeien van de mof.
Veertig haarden dorst je ontsteken,
duizend haarden zou men wreken,
maar je beulen stonden paf
toen je zweeg tot in je graf.
Dokters, rechters, procureuren,
allen zijn je komen keuren,
allen vonden je perfect,
en toen heeft men je genekt.
‘t Had de Koningin behaagd
dat je gratie werd gevraagd,
maar voor zulk een vieze jongen
wordt meestal niet aangedrongen.
Lang heeft men geprakkezeerd
wat een mens het meest onteert,
hangen, branden vierendelen
of gewoon als varken kelen.
Toen heeft men het mes gekozen
om je toch eens te doen blozen,
want zo’n gala met wat bloed
Doet een hakenkruiser goed.
Jongenlief, zoals je ziet,
Leiden krijgt je resten niet.
Hitler laat zich niets ontrukken
want hij houdt van die twee stukken.
Holland vraagt nu onverdroten
of je niets werd ingespoten,
maar die vuige, laffe moord
vindt het minder ongehoord.
Laat het stikken in zijn centen,
in zijn kaas en in zijn krenten,
in zijn helden, als daar zijn:
Tromp, De Ruyter en Piet Hein.
Moog je geest in Leipzig spoken
tot de gruwel wordt gewroken,
tot je beulen, groot en klein,
door den Rus vernietigd zijn.
ZoekPoëzie 1: Slauerhoff
Maneschijn te Tsingtao
ZoekPoëzie 2; Natasha Lako
De vier heldinnen van Mirdita
ZoekPoëzie 3: Ursula Krechel
Boetedagen
ZoekPoëzie 4; Hugo Claus
Voor Gerrit Kouwenaar
ZoekPoëzie 5; Jan Engelman
En Rade
ZoekPoëzie 6; Johnny the Selfkicker
Dendermonde 63
ZoekPoëzie 7; Carlos Drummond de Andrade
De liefde, natuurlijk
ZoekPoëzie 8: James S. LaVilla-Havelin
Silver nights in Rochester
Jeugdherinnering
ZoekPoëzie 10: C.S. Adama van Scheltema
De Dijk
ZoekPoëzie 11: Wyslawa Szymborska
ZoekPoëzie 12; Drs.P
Heen & Weer
ZoekPoëzie 13: Tan-te Pol-lie
Voor de klei-ne-ren
Bommen
Zoekpoëzie 15: Paul van Vliet
Meisjes van dertien
Zoekpoëzie 16: Joan Hambidge & Elisabeth Eybers
Bloedbanden
ZoekPoëzie 17: Marc Chagall & Blaise Cendrars
De dichter (Half vier)
Droom in Tenochtitlán
's Morgens
ZoekPoëzie 20; Slauerhoff versus Schotman
Benard advies
Een witte bungalow op Capri
ZoekPoëzie 22: David Shapiro
Empathy for Dave Winfield
ZoekPoëzie 23: Maurice Gilliams
Winter te Schilde
ZoekPoëzie 24: Saul van Messel
Restaurant
ZoekPoëzie 25: Jacques van Tol
De olieman heeft een Fordje opgedaan
Hoop op Iwosyg
ZoekPoëzie 27: Sujata Bhatt
The stinking Rose
ZoekPoëzie 28: Bert Schierbeek
Remembrandt
ZoekPoëzie 29: Peter Paul Zahl
In naam van het volk
ZoekPoëzie 30; Marnix Gijsen & René de Clercq
Mijn moeder was een heilige vrouw
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Van Johan van der Meulen
Rot yong
A terrible infant called Peter
sprinkled his bed with a gheter
His father got woost,
took hold of a cnoost
And gave him a pack on his meter.

Double Dutch
Johan van der Meulen (1915-2005) was niet alleen dichter maar ook leraar Engels. Hij schreef zijn gedichten door gebruik te maken van fouten van zijn leeerlingen.
Zijn eerste dichtbundel was Lyrical Laria in Dutch and double Dutch, geschreven onder het pseudoniem John O'Mill.
Dat werd een groot succes.
De eerste oplage van 5.000 exemplaren was snel uitverkocht en daarna volgden nog 15 herdrukken.
Vader & Zoon
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Van Marnix Gijsen (1899- 1984)
‘Mijn moeder was een heilige vrouw’ (René de Clercq)
Ik wil den lof van mijne dode moeder zingen.
Zij was geen heilge vrouw, zij was een vrouw,
met al haar deugden, zwakten en aarzelingen,
vaak onberekenbaar doch steeds zich zelf getrouw.
Een werkslaaf en een slavendrijver heel haar leven,
die nooit kon vragen -altijd bereid te geven-
hard voor zich zelf en die van anderen verwachtte
dat z’even taai en dapper zouden zijn in daden en gedachten.
Een vrouw vol donker vuur en kracht, vol vlugge, vinnge spot,
misprijzend voor de vrouwen, opkijkend naar den man,
Noch duldzaam noch gelaten, steeds meester van haar lot,
die dronk, van haar beperkt bestaan, het onderst’ uit de kan.
Trots op haar zonen maar te trots om toe te geven
dat zij haar naam glorie luister hadden bijgezet.
Dat hoorde zó , zij zou het nooit vergeven
hebben, ware het niet zo geweest, want d’ijzeren wet
van haar geweten was arbeid en ambitie. Bij dagen
was zij stug en bot, dan weer een ruisende fontein
van dartle woorden, scherp’herinneringen, bij vlagen
licht ontroerbaar, lijk een kind dat niet redelijk kan zijn.
Bijna een eeuw heeft het geduurd vooreer zij weigerig ontdekte
dat haar bros lichaam niet meer luisterde naar haar stalen wil,
tot zij doodmoe de wereld losliet en haar povere leden strekte.
Zó werd het grote vuur dat ze geweest was, op een gure winteravond,
eindlijk kil.
Van René de Clerq (1877- 1932)
Mijn moeder
Mijn moeder was een heilige vrouw.
O, daar ligt blijdschap in die rouw.
Mijn moeder was heilig rein en zoet.
Als de melk van haar borst, o mijn moeder was goed.
En schoon, schoon oud! Niet een groef in haar wang.
Haar ogen al ziel en haar woorden al zang.
Je hoorde, je zag haar en vroeg, mijn vriend,
Ach jongen waar heb je zo’n moeder verdiend?
En toch, je wist nog niet half wat zij deed
Uit verborgen zorgen; hoe hard zij streed
In de nederigheid van haar weduwsmart,
Met een roos op ‘t gelaat en een doorn in ’t hart
Haar kinderen schonk zij het brood uit haar mond
Tot het laatste bloed uit haar warme mond..
Mijn moeder… zoete gedachtenis,
Beheers wat er goeds in mijn leven is!
ZoekPoëzie 1: Slauerhoff
Maneschijn te Tsingtao
ZoekPoëzie 2; Natasha Lako
De vier heldinnen van Mirdita
ZoekPoëzie 3: Ursula Krechel
Boetedagen
ZoekPoëzie 4; Hugo Claus
Voor Gerrit Kouwenaar
ZoekPoëzie 5; Jan Engelman
En Rade
ZoekPoëzie 6; Johnny the Selfkicker
Dendermonde 63
ZoekPoëzie 7; Carlos Drummond de Andrade
De liefde, natuurlijk
ZoekPoëzie 8: James S. LaVilla-Havelin
Silver nights in Rochester
Jeugdherinnering
ZoekPoëzie 10: C.S. Adama van Scheltema
De Dijk
ZoekPoëzie 11: Wyslawa Szymborska
ZoekPoëzie 12; Drs.P
Heen & Weer
ZoekPoëzie 13: Tan-te Pol-lie
Voor de klei-ne-ren
Bommen
Zoekpoëzie 15: Paul van Vliet
Meisjes van dertien
Zoekpoëzie 16: Joan Hambidge & Elisabeth Eybers
Bloedbanden
ZoekPoëzie 17: Marc Chagall & Blaise Cendrars
De dichter (Half vier)
Droom in Tenochtitlán
's Morgens
ZoekPoëzie 20; Slauerhoff versus Schotman
Benard advies
Een witte bungalow op Capri
ZoekPoëzie 22: David Shapiro
Empathy for Dave Winfield
ZoekPoëzie 23: Maurice Gilliams
Winter te Schilde
ZoekPoëzie 24: Saul van Messel
Restaurant
ZoekPoëzie 25: Jacques van Tol
De olieman heeft een Fordje opgedaan
Hoop op Iwosyg
The stinking Rose
ZoekPoëzie 28: Bert Schierbeek
Remembrandt
ZoekPoëzie 29: Peter Paul Zahl
In naam van het volk
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Van Frank Koenegracht
Vadertje zoetwatergids
1.
EERST, vadertje zoetwatervis, eerst,
stond je nog wel recht
in je boot met dubbeltjes
bij naoorlogs licht.
Je idiote broer krabde ‘s nachts
vergeefs aan het vernis
want niemand binnenin
mocht zich herinneren
hoe jij had kunnen zijn.
Nou ja hij leeft nog want
ik zag hem laatst.
Hij leeft.
Toen, vadertje zoetwatervis, toen
sloeg er in je maag
een gat zo
groot als een middag vissen,
maar je reed er doorheen
op je solex en je leefde.
De rest is broodpap,‘zondagen
van rundvlees en hun verzameld werk.
Nu, vadertje zoetwatervis,
nu heb je mij
maar ook weer niet. Ik ben
niet zo’n sterk visser
en ik sneeuw of stijg maar wat
en altijd zie ik alles klein.
Zo klein als jij het zag
door je kijkglas van jenever.
Kom, we gaan snoeken en wie
ons ziet staan zal denken:
die zoon vist niet ver
van zijn vader vandaan.
2
Mijn vader is van lieverlede nu
alles vergeten wat hij zojuist nog wist.
Zijn hersenen zijn vogels die voorbijvliegen.
Geen koeien die een afdruk maken in de grond.
Mijn vader hield van wolken,
maar wolken zijn vergeetachtige bergen
en maken geen afdruk in de lucht
en niemand zal de wolken dit verwijten.
Verwijten zal niet helpen trouwens want
wolken weten niet wat ze doen.
3.
HIJ SPRAK al zijn medewerkers en alle vogels
op dezelfde wijze aan .
Zo is de zachtheid van een man.
Spreeuwen, grote kippen, mussen,
het waren jongens.
Tegen een merel in de tuin zei hij:
Wat is er dan m’n jongen
maar hij had het tegen mij.
4.
DOOR DE lucht gingen bedaarde bergen.
Mijn vader hield wel van die dingen
en hun zonderlinge mededelingen
hangend boven de huizen, de bruggen en de heggen.
En boven de watervlakten waar de vis zat. Soms
moest je ervoor uitkijken,
net als voor directeuren.
5
IEMAND moet hem belasterd hebben
want anders stond hij niet zo vreemd in de kamer,
zo loodachtig.
De wet zei dat vissen met levend aas verboden was.
Mijn vader zei: ik ben altijd fatsoenlijk
omgegaan met witvis, jongen, nooit een haakje
in hun rug, altijd in hun bek.
Iemand moet hem belasterd hebben.
6
DUS DIT is mijn vader.
Traag genoeg en zorgeloos beveiligd
met een broek van achtenveertig gulden aan
die ter hoogte van zijn tieten onknoeibaar hoog
en ondragelijk licht is opgehesen.
7.
DICHTBIJ op driekwart meter zweeft
een vliegtuigje van 14 x 26 cm, blauwgrijs
Met rode randjes er om heen,
bestuurd door een weerloos vrouwtje
dat gemakkelijk samen te stellen is
uit wat over is van een bol wol, kousen
een kettinkje.
Hoewel iedereen slaapt en de wapens
heeft neergelegd is de sfeer te snijden.
Aan het raam plakt de vergeelde landslak.
8.
IK HEB vanzelf al nooit
een gedoemde dichter willen zijn, maar
mijn vader zou het met de allerzachtste vrolijkheid
beslist hebben verboden.
Hij was tegen het binnentuimelen
van het verkeerde huurhuis
maar vooral tegen miskendheid.
Hij zag in dat miskendheid
een manier van zich vergissen is.
9.
EN DE wind rustte uit
en de avond viel en de regen
kroop zachtjes over de velden.
Dat wordt een kalme schemering zeiden wij,
een porceleinen avond en moedertje nacht
komt straks ook nog met haar grote voeten
en haar kleine gezicht.
Vadertje zoetwatergids is opgenomen in de bundel ‘Alles valt’, die in 1999 verscheen bij DE Bezige Bij
Vader & Zoon
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Dichtregels over een ‘verpolitiekt’ proces
Op 13 februari 1976 diende in hoger beroep de zaak tegen de Duitse schrijver-dichter-activist Peter-Paul Zahl.
Twee jaar eerder was hij veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf wegens zijn betrokkenheid bij een schietpartij met de politie.
De zaak duurde tot 12 maart 1976. Peter-Paul Zahl werd tot verbijstering van ‘links’ Duitsland veroordeeld tot 15 jaar.
Een politieke uitspraak, geheel in overeenstemming met de heksenjacht die destijds in Duitsland gevoerd werd tegen politiek geëngageerde activisten.
Zahl zat de eerste jaren in een isolatiecel.
Hij werd toen als schrijver zeer actief en schreef ondermeer dit gedicht:
In naam van het volk
Op 24 mei 1974
veroordeelde mij
het volk
-drie rechters
en zes gezworenen-
tot een vrijheidsstraf
van vier jaar
op 12 maart 1976
veroordeelde mij
in dezelfde zaak
het volk
-drie rechters
en twee gezworenen-
tot een vrijheidsstraf
van vijftien jaar
als de volkeren
dat nu eens
onder elkaar uitvechten
en mij
erbuiten
lieten
(Vertaling: Gerrit Bussink)
Steppe
In zijn gedicht Steppe verhaalt Peter-Paul Zahl op humoristische wijze de gang van zaken rond dit proces.
Hij zat destijds bijvoorbeeld gevangen in Keulen, maar het proces werd in Düsseldorf gevoerd.
Hij werd toen dagelijks per helikopter overgebracht.
Uit Steppe
III
boven is niet buiten
van boven zie je alles
net als de minister van binnenlandse zaken van
noordrijn-westfalen
alles ziet in wiens helicopter
-allouette- je nu zit
en vervoerd wordt van de ene plaats
des onheils naar de andere
van boven ziet alles er anders uit
boven heb je overzicht
boven is slechts een andere vorm
van binnen
IV
vliegroute: van de bajes van keulen-ossendorf
naar de politiekazernes düsseldorf ross-strasse
vliegtijd: tussen de twaalf en twintig minuten
de vlucht: verbazingwekkend plezierig
niet dat lift-gevoel
waarbij je maag
tot achter de ogen schiet
of je jezelf in de kelder ziet
verpletterd
aan de grond
X
Van boven ziet alles er anders uit
boven raak je enige illusies kwijt
overzie je de situatie
stijg je op
uit de gebureaucratiseerde vierhoekige wereld
en vlieg je -zo doen poëten
dat tegenwoordig-
over de gebureaucratiseerde vierhoekige wereld:
hier de bajes
herkenbaar aan de witte buitenmuur
daar de kazerne -groen gecamoufleerde pantserwagens-
ginds de satellietstad -daar betalen ze huur-
en dat is de fabriek -die herken je
aan het vuil en aan de schoorsteen- dat trage
vettige beneden die gore lintworm die stinkt
tot helemaal boven: stamvader rijn
europa’s grootste riool
en al die velden: een schaakbord
Van licht- en donkergroen
stortplaatsen voor herbiciden
- een laag vliegend sportvliegtuigje
in het tegenlicht van een osram-imitatie
van zon met achter zich
een staart van dood
gramsgewijs voor insecten jouw longen
jouw botten voor jou-
Jamaica
Peter-Paul Zahl werd in 1944 geboren in Feldberg (Na de oorlog: Oost-Duitsland).
Het gezin vluchtte in 1953 naar de Bundesrepublik. Zahl werd in 1982 vrijgelaten.
Hij woonde daarna ondermeer in Grenada, Nicaragua en de Seychellen voordat hij zich in 1986 definitief vestigde op Jamaica.
Daar overleed hij in januari van dit jaar.
ZoekPoëzie 1: Slauerhoff
Maneschijn te Tsingtao
ZoekPoëzie 2; Natasha Lako
De vier heldinnen van Mirdita
ZoekPoëzie 3: Ursula Krechel
Boetedagen
ZoekPoëzie 4; Hugo Claus
Voor Gerrit Kouwenaar
En Rade
ZoekPoëzie 6; Johnny the Selfkicker
Dendermonde 63
ZoekPoëzie 7; Carlos Drummond de Andrade
De liefde, natuurlijk
ZoekPoëzie 8: James S. LaVilla-Havelin
Silver nights in Rochester
Jeugdherinnering
ZoekPoëzie 10: C.S. Adama van Scheltema
De Dijk
ZoekPoëzie 11: Wyslawa Szymborska
ZoekPoëzie 12; Drs.P
Heen & Weer
Voor de klei-ne-ren
Bommen
Meisjes van dertien
Zoekpoëzie 16: Joan Hambidge & Elisabeth Eybers
Bloedbanden
ZoekPoëzie 17: Marc Chagall & Blaise Cendrars
De dichter (Half vier)
Droom in Tenochtitlán
's Morgens
ZoekPoëzie 20; Slauerhoff versus Schotman
Benard advies
Een witte bungalow op Capri
Empathy for Dave Winfield
ZoekPoëzie 23: Maurice Gilliams
Winter te Schilde
ZoekPoëzie 24: Saul van Messel
Restaurant
ZoekPoëzie 25: Jacques van Tol
De olieman heeft een Fordje opgedaan
Hoop op Iwosyg
The stinking Rose
ZoekPoëzie 28: Bert Schierbeek
Remembrandt
Pagina 10 van 28

