Poëzie
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
EN RADE: EEN VERSJE VOOR EEN REGISSEUR
Jan Engelman is een vrijwel vergeten dichter. Dat is jammer, want hij heeft bijzondere gedichten geschreven. Het meest bekend is Vera Janacopoulos -een ode aan een Braziliaanse zangeres- met de beroemde eerste strofe:
Ambrosia, wat vloeit mij aan?
uw schedelveld is koeler maan
en alle appels blozen
Liefdesverhaal
Bijna zo bekend is zijn gedicht En Rade. Het is een zoals hij dat zelf noemt vocalise -een klankrijm- opgedragen aan de Braziliaanse filmregisseur Alberto Cavalcanti. Die maakte in 1927 de film En Rade (Aan de ree).
Een larmoyant liefdesverhaal in Marseille. Ik ga er direct dieper op in, maar lees eerst dit bijzondere vers.
En rade
Groen is de gong
groen is de watergong
waterwee, watergong
groen is de gong van de zee
Sulina, Braila,
Sulina, Brest
Sulina, Singapore
achter de vest
stem die mijn slaap doorzong
waterdroom, watertong
koperen long van de zee
Sulina, Braila,
Sulina, Brest
Sulina, Senegal
wijd van het nest
hang die mijn ziel doordrong
waterdroom, watersprong
loeiende gong neem mij mee
Sulina, Braila,
Sulina, Brest
Sulina, Zanzibar
buiten is best
Groen is de gong
groen is de watergong
waterwee, watergong
groen is de gong van de zee
Zakken voor Sulina en Braila

Kijk even naar deze foto. We zien hier hoofdrolspeelster Catherine Hessling, die een barmeid is in Marseille. Zij poseert voor de lading van een schip dat naar Roemenië gaat. De zakken zijn bestemd voor Sulina, een kleine havenstad aan de Zwarte Zee.
Sulina ligt aan het eind van de Donaudelta en is anno 2010 nog steeds niet over land bereikbaar. Honderdvijftig kilometer stroomopwaarts ligt in Roemenië het stadje Braila, dat in 1927 nog voor zeeschepen bereikbaar was. Constanta -ook op de foto- is veruit de belangrijkste havenplaats van Roemenië, maar dat kon Jan Engelman in zijn vers niet gebruiken. Daarom verzint hij de allitererende namen Brest, Singapore, Senegal en Zanzibar.
De film En Rade gaat over de verhouding tussen het barmeisje -Catherine Hessling- en een zeeman (George Charlia). Hij laat haar in de steek en zij blijft vol liefdesverdriet achter.
De film werd in Nederland voor ‘t eerst vertoond in 1927 tijdens een filmavond van de Nederlandse Filmliga. Alberto Cavalcanti hield bij die gelegenheid een lezing.
Het is aannemelijk dat Jan Engelman daar ook bij was en daarna zijn vers schreef.
Welvarend
Sulina was overigens tot ongeveer 1930 een welvarende stad. De poort naar Europa, die door alle schepen werd aangedaan. Pakhuizen, monumentale gebouwen, mooie kantoren, nachtclubs, restaurants , hotels , winkels en een zeer internationale bevolking. Daarna trad het verval in en toen de communisten de macht overnamen bleef er helemaal niets van over. Het ligt zeer geïsoleerd. Bezoekers over land kunnen tot op 70 kilometer van de stad komen. Daarna moeten ze in Tulcea een boot nemen.
Het einde van Europa
Irene van der Linde en Nicole Segers beschrijven de stad in hun mooie boek Het einde van Europa.
‘De bewoners van Sulina voelen zich niet zo vrij: zij zitten gevangen tussen de zee en de delta‘.
Zij citeren een locale vrouw:
‘In Europa hebben mensen de mogelijkheid om zelf keuzes te maken en dingen te doen in hun leven. Hier niet. We hebben geen geld. Niemand ziet ons, niemand kan het iets schelen. De politici zitten ergens daarboven, wij diep daaronder. Ze zouden ons liever vermoorden, dan hebben ze minder zorgen’.

Klik HIER voor alle ZoekPoëzie
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
VERBAZING, ANGST & INGEHOUDEN WOEDE

Neem nou het gedicht Boetedagen van de Duitse schrijfster Ursula Krechel.
Een aanklacht tegen de aanhoudingen, de vervolgingen en de hysterische angst voor alles wat in West-Duitsland een beetje links was in het begin van de zeventiger jaren.
Het is humoristisch met een ondertoon van verbazing en ingehouden woede.
Lees eerst het gedicht en dan zal ik u uitleggen hoe ziekelijk het Bundesamt für Verfassungsschutz (binnenlandse veiligheidsdienst) optrad en hoe het kon gebeuren dat dit orgaan steeds meer oud-SS’ers en oud-SD’ers in zijn gelederen had.
Van Ursula Krechel (vertaling Hannie Groen)
Boetedagen
Nadat we snel
onze brieven verbrand hebben
en onze notitieboeken
van 1970, 1971, 1972
dit lieve, aanhankelijke papier,
overleggen wij, wat wij nog
allemaal vergeten moeten.
Wij verbranden in de tuin
met de groene koolstronken, de witte kool
die de koolvlieg weggevreten heeft
de jassen, die wij droegen
toen we voor de laatste keer
door onopvallende fotografen
gekiekt werden.
Wij denken er lang over na
of de brief die Wolfgang
kort geleden uit Heidelberg schreef
blij over de geboorte van een dochter
regel voor regel waar is.
Want hoewel elke tik
steeds duurder geworden is
wordt onze telefoonrekening
steeds goedkoper.
Wij praten alleen nog kort
over de winter die komt.
Over onze reizen praten we niet.
Na het journaal braakt mijn vriendin
na het laatste nieuws
zijn we te bang om te gaan slapen.
Bouwplannen van het Staatsopsporingsbureau
hebben we niet.
We bezitten echter stadskaarten
Van Darmstadt, Frankfurt, Berlijn.
Herinner je je: je hebt me eens
de weg naar de tandarts uitgetekend.
Dat maakt je verdacht.
Ook een postkantoor is met rood aangekruist.
In een droom liep ik gisteren
Op straat en riep u te hulp.
Het was vroeg in de morgen, zoals gebruikelijk.
Zwaaiend verstopte ieder zich
in zijn hol.
Duitsland in verwarring
Duitsland was natuurlijk na de tweede wereldoorlog ernstig in verwarring.
De mensen moesten hun ziel en zaligheid weer oppakken na de meest weerzinwekkende gebeurtenis uit de wereldgeschiedenis.
Hoe kon het gebeuren dat een schoft als Hitler aan de macht kwam en hoe kon het gebeuren dat zoveel Duitsers zich achter hem schaarden.
Het collectieve ontkennen was begonnen en het zou nog vele jaren duren voor het collectieve schuld bekennen zou beginnen.
Linkse sympathieën
In de Bundesrepublik Deutschland kregen veel jongeren -met name studenten- in de zestiger jaren net als in veel andere Europese landen linkse sympathieën. De inmiddels weer aardig gevestigde orde van Duitse gezagsdragers vond dit bedreigend.
Geïnitieerd door het in 1950 opgerichte Bundesamt für Verfassunsgschutz werd de controle op alles was links leek, een baard of lange haren had, een kralenketting om had of een Afghaanse jas droeg steeds scherper.
In 1968 werden de Notstandsgesetze aangenomen, waarin zeer nauwe definities waren opgenomen over wat criminaliteit en met name terrorisme was. Stakers bijvoorbeeld werden neergezet als militante terroristen. Communisten of vermeende sympathisanten werden gevolgd en afgeluisterd. Mensen werden soms volkomen willekeurig opgepakt en zelfs vervolgd.
Rote Armee Fraktion
In 1970 zou dat nog veel erger worden en was er sprake van een totale escalatie.
Andreas Baader richtte samen met Gudrun Ensslin en Horst Mahler de Rote Armee Fraktion (RAF) op. Spoedig daarop kwam daar Ulrike Meinhof bij.
De RAF was een links radicale organisatie, die aan geld kwam via roofovervallen. De groep deinsde niet terug voor bomaanslagen en bleek later verantwoordelijk voor 34 moorden.
Meer in het algemeen was het doel van de RAF ondergronds verzet tegen de rechts kapitalistische maatschappij.
De RAF had weinig aanhang en kon ook niet op veel sympathie rekenen.
Toch ging er een golf van ongeloof en angst door Duitsland. Overal in het land hingen posters waarop de gezochte terroristen stonden.
In juni 1972 werden Baader en Meinhof opgepakt en later tot levenslange gevangenisstraffen veroordeeld.
Eerder dat jaar was een zogeheten Radikalenerlass van kracht geworden. Een Berufsverbot, dat ondermeer inhield dat ambtenaren bijvoorbeeld een toets van loyaliteit moesten afleggen en dat mensen met uitgesproken linkse sympathieën uitgesloten werden voor tal van functies.
Adoptie
Ik ben in die tijd nog eens bij een Duits gezin geweest, dat een kind wilde adopteren.
Het werd geweigerd, omdat de man een tijdje lid geweest was van de communistische partij.
De overheid deed daar ook helemaal niet geheimzinnig over.
NS-Justiz
Hoe kon dit allemaal gebeuren?
Ach.
In 1955 was ene Hubert Schrübbers president geworden van het Bundesamt für Verfassunsgschutz. De man werd eind 1972 gedwongen om op te stappen omdat toen pas bekend werd dat hij voor en tijdens de tweede wereldoorlog actief was geweest voor de NS-Justiz, de Nationaal-Socialistische Rechterlijke Macht.
In zijn regeerperiode had hij tientallen oud SS’ers en oud- SD’ers op hoge posten aangesteld.
In plaats van een geheime dienst, die de extremisten links en rechts in de gaten moest houden, was de Geheime Dienst zelf een rechtsradicale neo-nazistische organisatie geworden.
Dat je als jong studente dan wel eens bang bent, braakt of niet durft te slapen lijkt me vrij logisch.
Nach Mainz
Ursula Krechel (Trier 1947) studeerde Theaterwetenschap en Kunstgeschiedenis in Keulen. Van 1969 tot 1972 was zij verbonden aan de Städtischen Bühnen in Dortmund en werkte zij in theaterproducties met jeugdige gevangenen.
Het betreffende gedicht is opgenomen in de bundel Nach Mainz (1977).
Zij heeft inmiddels een groot aantal dichtbundels, romans, toneelstukken en hoorspelen op haar naam staan.
Zij won diverse prestigieuze prijzen.
Vorig jaar bijvoorbeeld nog de Deutscher Kritikerpreis.
(Het gedicht Boetedagen heb ik gevonden in de bundel ’”Ik heb tien benen” die in 1990 is verschenen bij uitgeverij De Geus in Breda. ISBN: 90 5226 0109)
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Moord op vier vrouwen
Soms kom je iets tegen, dat door merg en been gaat.
Dat is het geval bij het onderstaande gedicht van de Albanese schrijfster Natasha Lako.
Hier zijn vier vrouwen in koelen bloede doodgeschoten. Heldinnen, die tot de verbeelding spreken.
Waarom?
Wie zijn ze?
Wanneer gebeurde dit en waarom?
Wie stonden hier tegen over elkaar.
Wie -kortom- zijn ‘ze’ en ‘we’.
Ik benaderde tevergeefs diverse mensen, maar kreeg uiteindelijk het antwoord uit Albanië van Artan Metohu, een Albanese kennis van vroeger, die ik vond na bemiddeling van mijn vriend Peter Flik.
Lees eerst het gedicht maar even.
Van Natasha Lako
De vier heldinnen van Mirdita
Marta, Shkurta, Prena en Mrika
het lijkt alsof zij altijd in onze ogen staan.
Voor elk van hen kozen ze een nacht
totdat ze onverwachts er vier doodden.
Vier nachten werden in stukken gehakt.
Er waren vier morgens, zij vieren bleven.
En heel onverwachts, werden zij samen vier dagen
zelfs de kogels, waar ze vielen, doofden het licht.
Zo dicht bij elkaar zijn ze
zoals horizonpunten zijn ze vier richtingen.
En waar we ook gaan, waar we ook zijn
steeds vinden wij ze, de vier horizonpunten.
(Vertaling Ad van Rijsewijk met hulp van een Albanese vriend)
Kacinar in Mirdita

Albanië riep in 1912 de onafhankelijkheid uit.
Dit werd bevestigd in 1913 in het verdrag van Londen.
In 1916 werd het noorden van het land bezet door de dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije.
Het incident speelde zich in 1917 af in het plaatsje Kacinar in de noordelijke provincie Mirdita.
Enver Hoxha was een gevreesd dictator die lange tijd met ijzeren vuist Albanië regeerde.
Hij liep achter Stalin aan, achter Mao en dreef zijn land in een isolement waar bijvoorbeeld absoluut geen godsdienstvrijheid was.
De verklaring
Dit is wat Artan schrijft:
Hello Ronald
These four women have become a legend in the history of the North Albania province of Miredita. This region is known to be a catholic christian area inhabited 100 % by catholic Christians.
The history of the four women goes back to the year 1917.
As the matter of fact on the 3 November was the anniversary of their death.
They died while fighting against a group of Austrian soldiers who had come to their village called Kacinar.
They came to their house and started to plunder property and goods and all the jewelery. These women were widows as their husbands had died of terminal diseases.
They were at the age between 22 and 27 and had little children from 2 - 6 years old.
They confronted the Austrian soldiers to defende their home and property and shoot dead one of them who was trying to take a way their little calf, who was going to be a cow later, something very important for these women at those days.
The Austrian commander ordered the soldier to shoot these women and even killed their little children.
This act made the whole village of Kacinar to stand up and fight against the Austrian soldiers. Later they were obliged to abandon the village and run away for their life, living many dead soldiers behind.
The heroic performance of these women became a legend in the history of Albania, and a sort of insipiration for freedom and indipendence
I am not sure on the number of children.
Some say there were four children killed, some say there were three children killed.
About this legend there has been very little or almost nothing spoken during the time of Enver Hoxha.
It could be because Hoxha himself was not interested to glorify this tragic event of these four women for a number of reasons:
1 - There was nothing he could connect to his ideology regarding these women as this happened long ago before he came to power, and exactly when he was 5 years old.
2 - Miredita has been a region with 100 % Roman Catholic Christians, strongly disliked and persecuted by an atheist man as Enver Hoxha.
3 - Enver Hoxha was very careful in selecting people who could be proclaimed heros, as he didn't want just anyone to take the glory and become a legend. He was obsesed with glory and personal cult of his own.
I can understand why the Albanians you have asked don't know about it. It was almost not writen or mentioned anywhere, appart from the region of Miredite.
Groetjes Artan
Ik benaderde Artan in 2009. Hij is inmidddels overleden.
Het gedicht is opgenomen in de bundel ‘Ik heb tien benen‘, in 1990 verschenen bij uitgeverij De Geus in Breda. ISBN: 90 5226 010 9
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Ballade van de ter dood veroordeelden
Dit gedenkraam werd in 1947 geplaatst in de Sint Jan’s kerk in Gouda. Het is het zogenaamde Bevrijdingsglas, ter herinnering aan bezetting en bevrijding, naar een ontwerp van Charles Eyck.
In het midden Nederlandse vlaggen die weer vrij in de wind wapperen. Maar omlijst door ondermeer vliegtuigen in duikvlucht, afgebrande kerktorens, ruïnes en vernielde gebouwen, uitgehongerde mensen in vernietigingskampen en een Duitse soldaat die een document laat zien met daarop ‘’Befehl’’.
Maar mij gaat het in dit geval vooral om de regels onderaan het paneel.
Daar staat:
Gedenken hen die, toen het volk verslagen
en machtloos scheen,
de vaan der vrijheid hoog hebben gedragen,
door alles heen
Het is een strofe uit een gedicht van Yge Foppema (1901-1993). Het heet Ongenoemde Doden met als ondertitel 13 maart 1941. Dit heeft betrekking op de eerste massaexecutie in Nederland, waar op de Waalsdorper vlakte achttien mensen werden geëxecuteerd door een Duits vuurpeloton. Het was ’t eerste gedicht dat Foppema in zijn leven schreef. Het gaat zo:
Van Yge Foppema
Ongenoemde doden
13 maart 1941
Zij traden aan bij ’t eerste morgenklaren,
zonder een woord.
Zo hebben hen de knechten der barbaren
haastig vermoord:
achttien der onzen, zwijgend aangetreden
op ’t laatst bevel.
Het salvo viel. Hun strijd was uitgestreden.
God hield appėl.
Geen krans, geen vlag dekte de ruwe baren,
Geen doodsbericht
verkondt den volke wie de achttien waren
van dit gericht.
Het licht glijdt aan over de lage landen
van wad tot ven,
en wij, gebukt onder het juk der schande,
gedenken hen.
Gedenken hen die, toen het volk verslagen
en machtloos scheen
de vaan der vrijheid hoog hebben gedragen,
door alles heen,
die ’t fiere wachtwoord hebben doorgegeven
van mond tot mond:
dat eens de tirannie zal zijn verdreven
die ’t hert doorwondt.
Iedere morgen, als de zon komt rijzen
op Hollands wei,
en elke avond als het licht gaat grijzen,
gedenken wij.
Maar ’t licht in onze ogen wordt niet doffer,
noch zwak de hand,
wanneer wij denken aan hun bloedig offer
voor ’t vaderland.
Tegen de tirannie di zij bestreden,
vechten ook wij.
Naar ’t ene doel richten zich onze schreden.
Wij zweren trouw de leus die zij beleden:
Nederland vrij!
Na dit debuut bleef Yge Foppema verzetspoëzie schrijven. Hij werd opgepakt en kwam terecht in de strafgevangenis van Scheveningen, die eufemistisch Oranjehotel werd genoemd. Hij zat daar in cel 595 samen met de Haarlemmer Jan Verhagen. Hij schreef in 1943 na een lang nachtelijk gesprek met zijn celgenoot zijn beroemdste gedicht: Ballade van de ter dood veroordeelden. Het werk is opgedragen aan Jan Verhagen, die beschreven wordt In de tweede strofe .
Van Yge Foppema
Ballade van de ter dood veroordeelden
‘’God help mijn vrouw en kinderen. Ik kom wel terecht’’.
Opschrift, haastig met potlood gekrabbeld op de binnenkant van een celdeur in het Haagse Binnenhof.
Voor Jan
Een zware hand legde zich op zijn schouder
en onderbrak zijn dagelijkse gang.
Heel even ging zijn adem wat benauwder,
toen ging hij rustig mee. Hij was niet bang.
Dat dit eens komen moest , wist hij lang.
Wie die de strijd aanbindt, schuwt de gevaren?
Menig soldaat sterft in zijn jonge jaren,
maar het land riep en hij volgde die drang.
Op ’t Binnenhof heeft hij heel zacht gezegd:
Heer, help de mijnen! Ik kom wel terecht.
Er zat een jonge man in Scheveningen,
die had gesaboteerd en opgeruid,
wapens gesmokkeld en nog andre dingen,
tot hij verraden werd. Toen was het uit.
een paar cellen verder zat zijn bruid.
Zij waren altijd in elkaars gedachten,
ze wisten beiden wat hun stond te wachten:
een vonnis, en zes kogels tot besluit.
Iedere avond hebben zij gezegd:
Heer, help de ander! Ik kom wel terecht.
En in de cel daarnaast een jonge jongen
die steeds de vreugde van zijn ouders was.
Toen hij thuis was, had hij altijd gezongen,
zijn ogen waren klaar als helder glas.
Hij nam zijn leven toen hij nog maar pas
begon en lei het in de schaal der vrijheid.
Hij offerde het met dezelfde blijheid
waarmee hij door zijn jeugd gedarteld was.
Steeds heeft hij dit gebed door God gelegd:
Heer, help mijn ouders! Ik kom wel terecht.
Allen, allen: de man met grijze haren
die elke avond psalmzingt in zijn cel,
de jeugdigen, en die op rijper jaren
gehoorzamen het innerlijk bevel,
Zij stonden op hun post en wisten wel:
wij zijn gering in aantal, weinig krachtig,
de vijand is barbaars en overmachtig
en als hij toeslaat, treft zijn wraak ons fel
en het vergaat ons en de onzen slecht….
God sta hen bij! Wij komen wel terecht.
Prinsesse van Oranje, hoog verheven,
die het symbool van ons verlangen zijt,
wij weten wel: dit kost ons straks het leven,
wij zien het licht nog mar een korte tijd.
Maar als wij aanstonds vallen in de strijd
en eenzaam sterven op de hei in Haaren,
dan willen wij een laatste zucht bewaren
voor dit gebed op weg naar de eeuwigheid:
Heer, Uw soldaat, die sneuvelt in ’t gevecht,
smeekt U: Help Holland! Ik kom wel terecht.
(Haaren was een executieplaats bij Vught)
Volgens de dbnl, de digitale bibliotheek voor de Nederlandse letteren, is de tekst van dit gedicht in de tweede wereldoorlog enigszins verminkt. De zevende regel in de tweede strofe: ‘’ze wisten beiden wat hun stond te wachten’’ zou moeten zijn : ’’terwijl zij samen op het einde wachtten’’.
Hoe betrouwbaar dit is weet ik niet, want de dbnl meldt ten onrechte dat de tekst op het Bevrijdingsraam in Gouda uit de Ballade van de ter dood veroordeelden komt. En dat het ook hier zou gaan om een verminkte tekst. En aangezien de dbnl een instituut is met een keurige reputatie hebben veel andere instanties en bloggers dit overgenomen.
Ik zou dat waarschijnlijk ook gedaan hebben als ik niet zelf naar die kerk in Gouda was gegaan om een foto te maken.

Dezelfde regels uit het gedicht Ongenoemde doden staan overigens ook op het verzetsmonument Rustenburg in Amersfoort.
Yge Foppema bundelde zijn gedichten uit de oorlog in Spijkerschrift, mei 1940-mei 1945.
Hij kreeg er de Verzetsprijs voor letterkundigen voor.
Na het eind van de oorlog heeft hij geen gedicht meer geschreven.
Klik HIER voor alle Zoekpoëzie
- Details
- Hoofdcategorie: Poëzie (358)
- Categorie: Poëzie
Sjin Nam Po of Tsjennampo of Chin Nampo
Het werk Sjin Nam Po van J.J. Slauerhoff lijkt meer op een dagboekaantekening dan op een gedicht.
Ik vond het in een verzamelbundel. Het gaat zo:
Van J.J. Slauerhoff
Sjin Nam Po
Op een landtong staat de witte tank der Standard Oil,
Een dikke zwarte pier draagt haar vuurtoren als een neushoorn
Daartussen de haven, waar jonken meren en sampans kruisen,
De Yaniga Maru van slechts 900 ton lost aan de lege kade
Vannacht vertrekt zij naar Chefu, een missionaris en zijn zoon als passagier.
Havenstad in het oosten
Waar ligt Sjin Nam Po? Dat moest een havenstad zijn in het verre oosten. China leek mij het meest voor de hand liggend.
Ik raadpleegde een aantal atlassen. Niets. Nada.
Ik zocht op Internet. Maar daar verscheen alleen het gedicht.
Hoewel…. Het gedicht bleek uit de bundel Oost-Azië (1928) te komen. Daar staat het onder het hoofdstuk Korea.
Ik zocht onder Korea in de vuistdikke Slauerhoff-biografie van Wim Hazeu.
Daar wordt de poëtische impressie opgevoerd en heet de havenstad Tsjennampo.
Ik raadpleegde opnieuw een aantal atlassen. Niets. Nada.
Noord-Korea

Ik zocht op Internet naar kaarten van Korea. En jawel: We moeten zijn in het huidige Noord-Korea.
Daar ligt aan een baai de havenstad Nampo en daartegenover Chin Nampo. Zo’n 50 kilometer ten zuid-westen van de hoofdstad Pyongyang.
Vuurtoren

Een vuurtoren heb ik ook gevonden. Geen zwarte pier overigens en of dit lichthuis lijkt op een neushoorn moet u zelf maar uitmaken.
In de baai ligt overigens inmiddels een soort Deltadam, die de twee havensteden met elkaar verbindt. Dit is de Nampo-dam met daarin 34 sluizen; 8 kilometer lang. Geopend in 1986.
Het lijkt veel op de Haringvlietdam. Ondermeer aangelegd om te voorkomen dat er zout water in de Taedang rivier komt. Kosten: 5 miljard US$. Gemiddeld inkomen van een Noord-Koreaan anno 2015: 47 US$ per maand.
Afsluitdam

Chefu of Cheju
De Yaniga Maru was overigens een Japanse kustvaarder. Chefu kon ik ook niet vinden. Ik denk dat het schip naar het eiland Cheju ging, ten zuiden van Zuid-Korea richting Japan
Klik HIER voor alle ZoekPoëzie
Pagina 4 van 28

