Reizen (518)
- Details
- Categorie: Reizen (518)

Het curieuze Oecusse
Rolf Weijburg, die u kent van zijn serie over de kleinste landen van de wereld, bezoekt op dit moment de twee laatste bestemmingen om zijn atlas van die landen te kunnen afmaken. Dat zijn Micronesië en de Marshall Eilanden in de Stille Oceaan.
Hij maakt er echter een hele rondreis van en deed onder meer Singapore, Papua Nieuw-Guinea en Darwin Australië aan.
Ook het deels onafhankelijke eiland Timor, waar hij de curieuze enclave (of beter: exclave) Oecusse vond.

Een slaperig ‘’Backwater’’
(Door Rolf Weijburg)
Het eiland Timor is verdeeld onder twee staten: het westelijk deel hoort bij Indonesië, het oostelijk deel vormt het leeuwendeel van de onafhankelijke staat en ex-Portugese kolonie Timor-Leste.
Naast dat Timorese deel omvat Timor-Leste ook het eiland Atauro én een stukje land aan de noordkust van het Indonesische deel: de exclave Oecusse-Ambeno, alias Oecussi, of Oé-cusse, zeg maar Oecusse.
Oecusse is van het moederland gescheiden door een strook van een kleine honderd kilometer Indonesisch grondgebied. Het was aan deze kust nabij Lifau dat de Portugezen rond 1550 voor het eerst op Timor aan land gingen maar door oorlogen met de Nederlanders is het nooit gelukt Oecusse met de rest van het Portugese bezit in Oost Timor te verbinden. Oecusse raakte daardoor geïsoleerd en werd nooit goed ontwikkeld. Het bleef een wat achtergebleven gebied.
Pante Makassar
Ook nadat Oost Timor na een heftige en heldhaftige 24 jaar durende guerrilla-oorlog met Indonesië onder de naam Timor-Leste in 1999 onafhankelijk werd, bleef Oecusse een slaperig “backwater”.
In de “hoofdstad” Pante Makassar woonde slechts een klein deel van de 65000 inwoners, er was wat handel in sandelhout maar de rest van de bevolking in het bergachtige gebied hield zich toch vooral bezig met “subsistance farming”.
Het was niet eenvoudig om vanuit Kupang in het Indonesische West-Timor transport te vinden naar Oecusse. Het leek wel of niemand er heen wilde maar na twee dagen slingeren door het ruige Timorese berglandschap werden we dan toch afgezet aan de grenspost.
We waren de enigen
Modern
De Indonesische post was modern en veel te groots opgezet, er stond een enorm beeld van een dreigende adelaar met de overduidelijke boodschap dat er met dit grote land beslist niet te spotten viel. Aan de andere kant van de grens knikte een groepje Timorese militairen ons vanuit de schaduw van een grote boom vriendelijk toe.
Een douanier zette zonder omhaal de stempeltjes in onze paspoorten, een ander plukte wat lusteloos en uitsluitend voor de vorm aan wat spulletjes in onze tassen. Iemand vroeg of we een taxi naar de 15 kilometer verderop gelegen hoofdstad wilden maar na enig heen en weer gepraat moest er toch geconcludeerd worden dat er helemaal geen taxi wás. Motortaxi’s, die waren er wel en vrijwel direct startten twee jongens hun motoren en reden voor. Ze namen onze tassen voor zich op de benzinetank, we kregen een helm en klommen achterop.
Kijk, zo hoort het, dacht ik nog, terwijl ik met mijn handen houvast zocht. Zo hoort het als je een slaperige, geïsoleerde en wellicht wat vergeten tropische exclave in wilt rijden. Dan moet er geen luxe taxi klaarstaan, of erger nog een lijnbus, nee dan zou je lopend of, ok, achterop een motor zigzaggend het slecht onderhouden en lastig begaanbare wegdek richting het exclavisch onbekende tegemoet moeten treden.
Tegen een achtergrond van een grillige diepgroene bergketen draaiden we het grensgebied uit.
Nog geen halve minuut later moest ik mijn verwachtingen bijstellen.
Voor ons strekte zich een prachtige vierbaans snelweg uit, ongerept glad asfalt kronkelde zachtjes tussen de zee en de bergen westwaarts.


In de middenberm stonden om de 25 meter lantaarnpalen te blinken in de zon. Grote borden gaven in letters die ongetwijfeld ‘s nachts in het licht van koplampen zouden oplichten aan waar iedere afslag zoal heenvoerde.
Voetgangers

Maar er was geen verkeer. De weg was leeg. Afgezien van wat voetgangers of andere motoren kwamen we niemand tegen. Geen enkele auto kruiste ons pad en de motoren die we tegenkwamen gebruikten de twee dubbele snelwegbanen als twee parallelle tweebaanswegen.

We reden door tot aan Pante Makassar, het hoofdstadje waar alle wegen bleken te zijn rechtgetrokken en voorzien van asfalt en brede trottoirs met veel te hoge stoepranden. De kruispunten waren veranderd in grote rotondes.

Voor het oversteken waren brede zebrapaden op het wegdek geschilderd en er was een permanent squadron werkers in de weer om het fraaie wegenstelsel blijvend te ontdoen van vallend gebladerte of ander vuil. Maar verkeer was er nauwelijks.

Hobbelpad
Buiten de stad, verder naar het westen, liep de weg nog zo’n tien kilometer door en eindigde in een prachtige brug over een brede rivierdelta.
Na de brug hield het asfalt abrupt op en veranderde de weg in een stoffig hobbelpad tussen de rijstvelden.


Beesten
Het was een vreemde gewaarwording de beslist niet rijke exclave doorkruist te zien door dit gloednieuwe wegenstelsel dat berekend leek op misschien wel honderd keer meer verkeer dan er daadwerkelijk was. Vijf jaar geleden was het allemaal met het verwachtingsvolle oog op grootse verandering aangelegd, maar vijf jaar later bleek er niets veranderd aan de ontwikkeling van Oecusse en zijn de straten leeg gebleven.
Hier en daar liepen wat beesten langs de weg.

- Details
- Categorie: Reizen (518)
Najaar 1994
Het mooiste stadion ter wereld
Als je van sport houdt zijn er evenementen en dingen die je dolgraag wil meemaken.
Zo wilde ik bijvoorbeeld wel eens naar de mooiste en historisch meest beladen voetbaltempel ter wereld, het Maracanã -stadion in Rio de Janeiro Brazilië .
Op 2 oktober 1994 was het zover.
De wedstrijd ging tussen de thuisclub Flamengo en Santos.
Vanaf het eerste moment was de sfeer, de beleving, het enthousiasme, de vreugde en het verdriet tot diep in je botten voelbaar.
Mijn god wat leven die mensen mee.
Kunst, ballet & oorlog
Voetbal zit in de Brazilianen. Voor velen is het ’t belangrijkste in hun leven.
Voetbal is pure kunst, ballet, samba en poëzie maar het is ook gemeen, oorlog, onsportiviteit en drama; het is levenskunst, passie, creativiteit, aanvalslust en improvisatievermogen.
DE GODDELIJK KANARIE
Brazilië -kenner en auteur August Willemsen schreef een boek over het Brazilaans voetbal onder de titel De Goddelijke Kanarie. (Brazilië speelt in het geel).
Daarin is bijvoorbeeld Een moment van Geluk opgenomen van Carlos Drummond de Andrade.
Een ander gedicht gaat zo:
Futebol
Futebol se joga no estádio?
Futebol se joga na praia,
Futebol se joga na rua,
Futebol se joga na alma.
A bola é a mesma: forma sacra
para craques e pernas-de-pau
Mesma a volúpia de chutar
na delirante copa-mundo
ou no árido espaço do morro
São vôos de estátuas súbitas,
desenhos feéricos, bailados
de pés e troncos estrançados.
Instantes lúdicos: flutua
o jogador, gravado no ar
– afinal, o corpo triunfante
da triste lei da gravidade
Met wat hulp her en der heb ik er dit van gemaakt:
Voetbal
Wordt voetbal gespeeld in een stadion?
Voetbal wordt gespeeld op het strand,
Voetbal wordt gespeeld in de straat,
Voetbal wordt gespeeld met de ziel.
De bal is hetzelfde: een heilig model
voor zowel briljante als slechte spelers
Hetzelfde plezier om het schieten
in de uitzinnige World Cup
of op de dorre heuveltop
Dit zijn beelden die plotseling de vlucht nemen
Magische tekeningen,
Dansen van gedraaide voeten en torso's.
Speelse momenten:
De speler drijft, gevangen in de lucht -
op het einde zegeviert het lichaam
over de trieste wetten van de zwaartekracht
- Details
- Categorie: Reizen (518)
Najaar 1994
Verleiden en verleid worden
Op een willekeurige ochtend in september ‘s ochtends om acht uur is het waanzinnig druk op Copacabana, de belangrijkste en meest bekende verkeers- en flaneer-ader in Rio de Janeiro.
Het verkeer gaat in drie rijen dik richting centrum.
Dan komt er een strook met souvenirwinkeltjes, cafetariaatjes, stalletjes met ijs en fruit , badspullen en andere prullaria, dan weer drie rijstroken richting centrum, en tenslotte een strook van een meter of zes waar verleidelijk uitziende mensen flaneren, hardlopen en naar elkaar kijken.
's Avonds gaat het allemaal de andere kant op.
De eerste badgasten
Op het brede trottoir langs de appartementen, hotels en restaurants gaan de eerste terrassen open, op het strand liggen de eerste badgasten en doet men al aan voetbaltennis, volleybal, Aerobics en andere ochtendgymnastiek en de eerste zwemmers zijn in het water.
Alle mensen doen aan body-language.
Overal wordt volop geflirt. Verleiden en verleid worden is het nationale motto van bijna alle Brazilianen.
Ineke Holtwijk schrijft er over in haar mooie boekje Kannibalen in Rio:
‘In vijf minuten weet je of een man je begeert of niet. Er zijn drie soorten vriendschappen met mannen.
Ofwel hij is je minnaar, ofwel hij was je minnaar ofwel hij wil je minnaar worden.’
En verder: 'Brazilianen, levensgenieters bij uitstek, hebben geen last van Calvinistische schuldgevoelens. Begeerte is een bewijs van levenslust.
’Ik wil de zonnestraal zijn, die je doet ontwaken. De zeep zijn, die je lichaam wast’.
Plastische chirurgie
Nergens ter wereld gedijt de plastische chirurgie beter dan in Brazilië. Dan gaat het bepaald niet alleen om flaporen en andere malheur.
Te dunne lippen, te kleine borsten, vetrandjes, niet alleen dat wordt verholpen, maar ook een vermeende kromming in de neus, een vlekje op de wang of een te veel bobbelende Venusheuvel.

Iedere ochtend liep ik tussen al dat vlees een stukje hard. Eén maal heb ik daar opnames van gemaakt. Ik vertel daarbij een paar anekdotes.
Bijvoorbeeld over de voormalige president Itamar Franco, die zich tijdens het carnaval liet fotograferen met een 27-jarige T.V.-ster, die zoals duidelijk op die foto’s te zien was, geen onderbroekje aan had.
Of het verhaal van de minister van Economische Zaken Zélia Cardoso de Mello, die een verhouding had met Bernardo Cabral, haar collega van Justitie. Terwijl in de ministerraad actuele en behartenswaardige zaken werden besproken, schreven zij elkaar stiekem geheime liefdesnotities.
En dan was er de soap Van Lichaam en Ziel. De 22-jarige hoofdrolspeelster Danièle Peres maakt het in die serie uit met haar geliefde. De man trekt zich dat zo erg aan, dat hij Danièle vermoordt. Niet in de serie maar in het echt.
En om de thriller compleet te maken, moet u weten dat de schrijfster van deze serie in het echt de moeder van Danièle is.

- Details
- Categorie: Reizen (518)
‘’Mijn man is een beetje een klootzak’’
Het was in het najaar van 1994. Ik zat aan boord van een VARIG-toestel op weg van Amsterdam naar Rio de Janeiro in Brazilië. Vorstelijk op de eerste rij van de Businessclass. Als je namelijk met deze maatschappij vloog en je boekte een kamer in het Rio Palace Hotel aan Copacabana werd je geüpgraded.
Naast mij zat Mariah met een wiegje op haar schoot. De baby van drie maanden krijste en had een vieze luier.
Mariah gaf mij het wiegje en probeerde het kind te laten ophouden met schreeuwen, terwijl ze tegelijk een schone luier probeerde om te doen. Dat lukte niet zo best. En het werd nog problematischer toen het toestel vertrok en de veiligheidsgordels om moesten. Ze brabbelde wat in het Portugees. Het leken mij intense vloeken.
Als de baby eindelijk een beetje rustig is, kijkt ze me aan en zegt in het Nederlands: ‘’Weet je hoe dat komt. Het was een zware bevalling. Heel zwaar”.
En dan gaat ze staccato door zonder dat ik wat hoef te vragen.
‘’Ik had zwangerschapsvergiftiging. Heb drie maanden plat op bed gelegen. Ik kon bijna niets. Van alles afhankelijk. En ook de bevalling ging moeizaam. Ik heb er alles bij elkaar zo’n 20 uur over gedaan. Soms een wee, dan weer niet. Dat was in het ziekenhuis, want ik kon natuurlijk niet thuis bevallen. Dat had ik overigens toch niet gewild. Bij ons thuis is dat niet de gewoonte.”
Mariah is een Braziliaanse. Aantrekkelijke vrouw. Ze is getrouwd met een Hollander en woont al tien jaar in Nederland.
Spreekt vrijwel accentloos Nederlands. “Maar ik verlangde altijd naar Brazilië. Weet je; Ik heb tien jaar constant heimwee gehad. Constant’’.
En dan komt het.
‘’Mijn man begrijpt daar niets van. Hij wil er ook niets van begrijpen. Weet je, Het is een beetje een klootzak’’.
Zo!
Dat is een hele ontboezeming tegen een onbekende.
Het gebeurt mij vaker in de lucht. Anonimiteit, een gebrek aan gêne, een soort zekerheid dat je elkaar nooit meer tegenkomt, aandrang om een last kwijt te raken, roekeloosheid vanwege de hoogte; ademgebrek, laisser-faire; ik weet het allemaal niet, maar het gebeurt me te vaak om toevallig te zijn.
We hebben nog zo’n twaalf uur te gaan inclusief een stop in Lissabon. Dat kan een gezellige tocht worden.
Weer hoef ik niets te vragen.
‘’Toen ik plat op bed lag ging hij vreemd. Niet één keer, maar voortdurend. En niet met één vrouw, maar met meerderen. Ik wist dat gewoon. En toen ik ernaar vroeg, bekende hij het grif. En weet je waarom? Omdat ik uit Brazilië kom. Braziliaanse mannen gaan namelijk altijd vreemd. Dus ik was daaraan gewend. Zei hij. Dat zei hij echt. Ik lig plat op bed, kan vrijwel niets en moet dan accepteren dat hij dat soort dingen doet’’.
‘’Je begrijpt dat we ruzie kregen na de bevalling. En niet zo’n beetje ook. En toen besloten we om een tijdje uit elkaar te gaan. Ik ga nu naar mijn ouders in Belo Horizonte. Ze hebben dat kind nog nooit gezien. En daarna zie ik het allemaal wel.
Ik ben fotograaf. Kan alles aanpakken. Trouwreportages maken, portretfoto’s, maar ook persfoto’s. En ik kan ook als cameravrouw mee met T.V.-ploegen. Ik heb nog steeds contacten in Brazilië. En wie weet: als het me bevalt zoekt die klootzak het maar uit. Dan moet hij maar naar Brazilië komen, Weet hij ook eens hoe het is om in een ander land te wonen”.
Ze neemt een korte pauze. Drinkt een glaasje wijn en neemt een nootje. Kijkt me even aan en gaat weer door:
‘’Denk nou niet dat het me in Nederland niet bevalt. Denk dat vooral niet. In al die jaren ben ik veel dingen gaan waarderen. Een zekere regelmaat, je weet waar je aan toe bent. Mensen zijn tolerant en als buitenlandse heb ik nooit iets van onverdraagzaamheid laat staan discriminatie ervaren. Brazilië is in vrijwel alle opzichten anders. Je kunt toch van allebei houden? Of vind je van niet?”
‘’Ik denk het wel Mariah. Maar dat weet ik niet zeker. Ik heb wel veel gereisd, maar nooit in een ander land gewoond. En dat lijkt me wel nodig om daar een oordeel over te hebben’’.
’Kijk’’, zegt ze. ‘’Dat bevalt me nou aan jullie. Eerlijk een mening geven en niet meepraten met iemand. Zullen we dan nog maar een wijntje nemen en toosten op de toekomst?’’
Subcategorieën
Reizen Aantal artikelen: 88
Pagina 50 van 106


