Reizen (323)

 

Voorjaar 2000

Een bloedstollend mooie tocht 

                

Het tweede deel van de weg van de hoofdstad Maseru naar Semonkong in het centrum van Lesotho is niet zo best. De weg is niet geasfalteerd, maar bestaat uit keien, stenen, scherpe steentjes, grint en zand met daar tussen kuilen. Veel kuilen.
      Er moeten drie passen genomen worden. Nkesi’s pass (2660 meter), de Ponto (2905 meter) en de Thaba Putsoa (3096 meter). Vangrails zijn er niet en diverse keren smeek ik om alsjeblieft maar geen klapband te krijgen.
      Het is een bloedstollend mooie tocht in een voornamelijk kaal en ruig landschap in een fascinerende schakering van tinten rood, paars, blauw en geel, afwisselend donker en licht. 

     

De mensen zijn gehuld in dekens en hebben een doek om het hoofd, een pet of de karakteristieke Lesotho-hoed op en soms een mijnwerkershelm als souvenir aan werkzaamheden in de Zuid-Afrikaanse koper- of diamantmijnen. Ze zwaaien, steken een duim op of maken het V-teken. Blanken zijn hier nog een bezienswaardigheid.

Lesotho is het koninkrijk in de lucht met –zoals men mij diverse keren uitlegt- het hoogste laagste punt ter wereld; namelijk 1300 meter. Het is ook een geografisch wonder, want het wordt geheel omringd door één land: Zuid Afrika. Een soort landeiland dus. Net als San Marino.  
      Het land is sinds 1966 onafhankelijk en was nooit een thuisland en kende geen apartheid. Eén inwoner heet Masotho, meerdere inwoners zijn Basotho, de taal is Sesotho en het land van de Sotho’s is dus Lesotho; (spreek uit als Lesoetoe).  Ongeveer net zo groot als België met ruim twee miljoen inwoners; vrijwel allemaal Basotho.

 

ONRUSTIG

In 2000 was het erg onrustig in het land.  Dat was al zo sinds 23 mei 1998 , toen de regerende LCP ( Lesotho Congres Party) bij verkiezingen 79 van de 80 zetels in het parlement haalde. Een schandaal meende de oppositiepartijen. Er zou sprake zijn geweest van verkiezingsfraude op grote schaal.
      Maar toen een door Zuid Afrika uitgevoerd juridisch onderzoek uitwees, dat het met die fraude wel meeviel en de zittende regering recht van bestaan had, braken ernstige ongeregeldheden uit. En toen in september van datzelfde jaar een staatsgreep dreigde riep de regering Zuid Afrika te hulp. President Nelson Mandela, die op dat moment in de Verenigde Staten was, gaf opdracht een zogeheten vredesmissie naar Lesotho te sturen. Het Zuid-Afrikaanse leger viel het land binnen, maar stuitte op onverwachte tegenstand. En ging al spoedig over tot grof geweld.Veel doden; nog meer gewonden.

Daarna verkeerde het land enige tijd in een volstrekte anarchie. Plunderingen gevolgd door brandstichting waren aan de orde van de dag. Vooral winkels en bedrijven van Zuid-Afrikanen moesten het ontgelden. Anno 2000 is de hoofdstad Maseru nog lang niet hersteld van die activiteiten. Langs de belangrijkste straat de Kingsway staan overal nog zwartgeblakerde panden, er zijn gaten geslagen in de weg, spullen worden in stalletjes op straat verkocht of middenstanders zijn in containers getrokken.

                                                                                                      GEZELLIGE CHAOS  

Het is er overigens wel een uiterst gezellige chaos. Overal wordt muziek gedraaid of gemaakt, de mensen lijken vrolijk en spreken je voortdurend aan. Dat gebeurt overigens niet alleen om hun Engels uit te proberen, maar heeft ook nogal eens een bijbedoeling.
      “Ach u komt uit Nederland. Mooi land. Heel mooi land. Ik heb er nog een zuster wonen. Misschien kan ik ook bij u langskomen als ik daar naartoe ga. By the way: hebt u wellicht interesse om diamanten te kopen. Ik heb prachtige exemplaren, die bij u veel geld waard zijn. Heel veel geld. Mister, u kunt miljoenen verdienen. Miljoenen”.
      Om tot besluit vijf Rand te vragen als ik daar niet op inga. Kennelijk was zijn eigen handel niet zo lucratief als hij voorstelde. En de diamanten waren waarschijnlijk gewoon bergkristallen.

De zestiende mei zou een spannende dag worden in Maseru. De oppositie had geëist, dat er een datum genoemd zou worden voor nieuwe verkiezingen. Er zou die dag ook een nationale staking plaatsvinden en tegen stakingsbrekers zou streng worden opgetreden. In anonieme pamfletten, die in de stad verspreid werden, werd opgeroepen opnieuw tot actie over te gaan als geen datum genoemd zou worden. Vooral buitenlanders zouden hard worden aangepakt. Nieuws, dat in Zuid-Afrikaanse kranten heel veel aandacht kreeg.

Als ik een paar dagen voor die zestiende mei in het noorden van het land met de auto vlak voor de grensovergang Ficksburg-Maputsoe arriveer, word ik tegengehouden door de Zuid-Afrikaanse politie.
     
      “U weet toch wat zich daar in dat land afspeelt?

      'Ja? Goed!
      U bent gewaarschuwd!”.

In Lesotho blijken inderdaad veel roadblocks te zijn opgeworpen. Soms controleert de politie, soms het leger. Regelmatig moet je een formulier invullen, waar je denkt heen te gaan. Verder zijn er overigens in die tijd geen ernstige ongeregeldheden geweest. Men vermoedt dat er geen belangwekkende organisatie achter de anoniem verspreide pamfletten zit, maar dat het om individuele acties gaat. Vrij algemeen is men overigens wel van mening, dat het tijd wordt om nieuwe verkiezingen uit te schrijven.

                                                                                            HEY MISTER  

In Semonkong in het centrum van het land is van al die opwinding niets terug te vinden. Ik ben de enige gast in de plaatselijke lodge en dat zal ik weten ook.
      De plaatselijke bevolking komt en masse langs.
     
      'Hey daddy, you want something? Koffie, thee, zelfgemaakt gebak? Fruit? Een poppetje kopen, mister? Een Lesotho-hoed wellicht. 
      Hey father, goedemorgen, wil je paard rijden? 
      Heb je een gids nodig? Wat is het koud hè. Heb je misschien een deken nodig? Een trui, een jas?' 
      Hey boss! Ik heb diamanten bij mij thuis. Kom maar kijken. Very, very cheap''.

Een kilometer of zes buiten Semonkong liggen de Maletsunyane watervallen, die maar liefst 192 meter hoog zijn.
      Ik wil er naar toe.
In Lesotho hoor je dat op een paard of een pony te doen, maar ik heb van mijn leven nog nooit op zo’n beest gezeten. Bovendien heb ik geen zin in een gids.

Dan maar lopend.

Men legt mij omstandig uit hoe ik moet lopen om daar te komen, want groene of rode stippen zijn hier gelukkig nog niet. Eigenlijk is het een kwestie van de rivier volgen, maar die is vaak niet te vinden tussen het kreupelhout.
      De hond van de lodge vertrouwt het -waarschijnlijk terecht- niet en besluit dat hele eind voor mij uit te lopen. Ik noem hem Lucky.

We komen door hele kleine dorpjes, waar de mensen in de karakteristieke ronde Rondavels wonen. Ze zijn vriendelijk en niet opdringerig. De kinderen vinden het allemaal prachtig en lopen met ons mee. Als een soort rattenvanger van Hamelen bereik ik met hond en zo’n dertig kinderen de watervallen. Ik ga zitten en kijk. Haal de frisse lucht diep naar binnen.
      Heel even is het leven volmaakt.
    


VOLKSLIED  

        

’s Avonds laat de eigenaar van de Semonkong-lodge mij het volkslied horen.

 

Influencers en Sega-danseressen

Amsterdam

Influencers dus. Mensen die voor te veel geld tevergeefs gaan proberen om toeristen uit Amsterdam weg te houden. Het zijn buitenlanders, die op sociale media veel volgers hebben.
      Ze bloggen en vloggen en zijn druk op Instagram. Een paar dagen werden ze rondgeleid in Nederland.  Ze waren in Groningen (‘’Het Amsterdam van het Noorden””). In Gouda (‘’Capital of Cheese Valley’’), in Rotterdam (‘’Manhattan on the Maas’’), en ook nog in Nijmegen en Arnhem, waar niet eens namaakclichés op te plakken zijn.  

Het is de bedoeling dat zij zich richten op ‘’de kwaliteitstoerist’’.
      Humbug! Kwaliteitstoeristen bestaan niet.
Althans niet in de zin van kwaliteit. Kwaliteitstoeristen zijn voor de initiatiefnemer van dit merkwaardige plan -het Nederlands Bureau voor Toerisme- natuurlijk alleen maar mensen, die meer uitgeven dan de gemiddelde toerist.
      En ach, waar kan je lekker veel geld uitgeven? Juist! Amsterdam.  

Jappen gaan naar Kinderdijk, de Zaanse Schans, Giethoorn of de Keukenhof om elkaar te fotograferen. Die geven veel te weinig uit, dus laat ze dan ook maar geen fiets huren in Amsterdam.
      Mijn god. Ik haal toch al zo'n kleine twintig jaar met enige regelmaat kleinkinderen uit school in Amsterdam. Probeer dan maar die huurfietsende stoethaspels te ontwijken. Om nog maar niet te spreken van het rolkoffergilde, dat vaak midden op het fietspad voortploegt. 

Mauritius      

Deze week heb ik een paar stukjes geplaatst over het eiland Mauritius in de Indische Oceaan.
      Ik was daar in 1996. Toen al werd ‘’deze parel van het zuidelijk halfrond’’, dit ‘’idyllisch strandparadijs’’, deze ‘’dobberende oester in het turquoise zeewater’’ vergeven van de kwaliteitstoeristen. Mensen, die logeerden in peperdure beachhotels met golfbanen, afgeschermde stranden, casino’s, kirrende barmeisjes en buigende obers.

In de steden en dorpen kwamen ze niet. Oog voor het immense contrast tussen arm en rijk hadden ze niet.
      Influencers waren er bij mijn weten nog niet, maar ook die zouden geen enkel succes gehad hebben. De kwaliteitstoerist, die het zich kan permitteren om naar Mauritius te vliegen wil zich alleen maar laten verwennen en heeft tussen de cocktails door een half oog voor de cultuur als die cultuur naar hen toekomt.
      Sega bijvoorbeeld, de nationale muziek wordt in de hotels verzorgd.  De muzikanten met hun trommels, gitaren en triangels geven een gelikte show en de dames doen hun sensuele dansen met ingehouden afkeer.
      In veel plaatsen op het eiland kan je het in het echt meemaken. Prachtig!      

Kijk ook eens naar deze -volgens mij- niet heel goed gelukte influence-reportage van CNN in de reeks Inside Africa.


 

Curry de mouton à la Mauricienne

Ik beloofde u gisteren bij mijn stukje over het idyllische eiland Mauritius in de Indische Oceaan het recept van een gemarineerde lamscurry, dat ik kreeg van de chef kok van het restaurant Royal Palm Beach in Grand Baie.

(Voor zes personen).

Lamsbout met been van ruim een kilo.

Ingrediënten voor de marinade.

Een liter uitgelekte yoghurt. Theelepel saffraanpoeder, theelepel fijngemaakte gember, twee teentjes knoflook, theelepel zwarte peper, theelepel kaneel, eetlepel komijn, eetlepel olijfolie. Eventueel wat zout.

Deze spullen goed mengen en er de lamsbout mee insmeren. Zo'n 24 uur laten marineren in de ijskast.  

Ingrediënten voor de curry.


De lamsbout op tijd uit de ijskast halen en op kamertemperatuur laten komen.

Korianderzaad , komijnzaad, peperkorrels, kruidnagels en fenegriekzaad langzaam grillen in een droge koekenpan.
      Drie eetlepels olijfolie in een diepe braadpan en daarin de uien en de knoflook zo’n vijf minuten fruiten zonder ze te bakken .
      Hierin de lamsbout aanbraden.
      Het kruidenmengsel en de kokos toevoegen.
      Water erbij. (Rode wijn mag ook).

Na ongeveer drie kwartier heel zacht sudderen de tomaten, de pepertjes en kaneel toevoegen.
      Nog drie kwartier tot een uur laten sudderen tot het vlees heel zacht en mals is.
      (Eventueel tussentijds nog wat vocht toevoegen).
Vlak voor het opdienen de korianderblaadjes, muntblaadjes en draadjes saffraan erbij doen.

Bij dit gerecht horen tenminste drie chutneys, waaronder chutney pommes d’amour. (tomaten).
      Ingrediënten:

Tien ontvelde en ontpitte tomaten. Twee rode pepertjes. Eetlepel fijngemaakte korianderblaadjes en klein fijngesneden uitje. Alles bij elkaar en goed mengen. (Als het allemaal te heet dreigt te worden kunt u de peperzaadjes eruit laten. (Maar dat is niet authentiek!).

De andere chutneys kunnen met kokos, mango of aubergine zijn.

Hierbij Basmatirijst serveren.



 

Zomer 1996

POMMES d'AMOUR

Als je het vliegveld van Mahébourg verlaat ruik je de geuren van het eiland. Specerijen, kruiden, hibiscus, aromatische bougainville. Dit is Mauritius in de Indische oceaan, een klein eiland zo’n 800 kilometer ten oosten van Madagascar. Het koestert zich in de wellustige vorm van een oester en dobbert weldadig in die turquoise oceaan.

  
Stranden

  

Pure exotiek is het. Met exclusieve planten en dieren. Een eiland met onwaarachtig witte stranden, wuivende palmen en grote suikerrietplantages, die de Nederlanders daar in de 17e eeuw hebben aangelegd.
      God had Mauritius als model, toen hij de hemel moest ontwerpen, schreef Mark Twain en Charles Baudelaire liet hier de gloed van de tropen van de palmen regenen.


  
Palmenregen   


Eiland van liefde

Eiland van liefde, want pasgetrouwden, die het zich kunnen permitteren brengen hier hun wittebroodsweken door. De plaatselijke luchtvaartmaatschappij Air Mauritius speelt daar slim op in, want zij hebben een Spouse-tarief in de aanbieding. Als je je trouwboekje laat zien, krijg je honderden Euro’s korting.
      Op de tweebaansweg van Mahébourg naar de hoofdstad Port Louis in de huurauto, merk je trouwens maar weinig van al die sprookjestaferelen. Dit eiland meet slechts 60 bij 50 kilometer, maar er woont 1 miljoen mensen. Dat betekent dat het heel druk is op de weinige wegen. Men rijdt hard en iedereen haalt in. Na twintig kilometer heb ik de auto al twee keer de berm in moeten sturen. Dat is niets bijzonders, want dat doen ze bijna allemaal.
      Ook in de hoofdstad is het rumoerig. Dat wil zeggen tot een uur of zes ’s avonds. Daarna wordt het verschrikkelijk stil en zijn alle winkels dicht. Ook de restaurants sluiten, want men wordt geacht hier tussen de middag te dineren.

Port Louis

Het land heeft een opmerkelijke koloniale geschiedenis. In de vijftiende eeuw waren de Portugezen er de baas en heette het Isla do Cerne. De Hollanders namen het in 1598 over en doopten het Mauritius naar prins Maurits. Daarna kwamen de Fransen, die de naam Ile de France bedachten en na het tijdperk Napoleon werd het overgenomen door de Engelsen.
      Gevolg: een uiterst kleurrijke mengeling van rassen, talen en godsdiensten. Er wonen Afrikanen, Indiërs, Tamils, Chinezen en nog wat Europeanen. Engels is de officiële taal, maar veruit de meeste mensen spreken Creools, een taal die afgeleid is van het Frans.
      ‘Hoe gaat het’ is: ’Ki manière’, ‘Ik begrijp je niet: ’Mo pas comprend’ en ‘Ik heb dorst’: ‘Mo soif‘.

Wassen in de rivier


Hotel Le Grand Carnot

Voor z’n dertig US$ kon je toen  een hotelkamer in Port Louis nemen. Inclusief kakkerlakken. Als je in één van de prestigieuze hotels aan de Bounty-stranden een kamer wilde, kon je beneden de 500 dollar per nacht nauwelijks terecht.
      En het Royal Palm Beach hotel in Grand Baie, waar onder veel anderen Nelson Mandela, Boris Becker en Robert de Niro vaste gasten zijn -of waren-, begon in 1996 met 1.050 US$ per nacht. De presidentssuite kostte toen  3.405 US$.

Royal Palm
     

Je kunt op het terras van dat hotel wel erg lekker en nog redelijk betaalbaar eten.  Als je de ingevlogen tarbot, zwezerik, truffel en kaviaar tenminste overslaat

      Er zijn ook plaatselijke gerechten.
Soms struikel je over de schildpadden en daar wordt dan weer smakelijke soep van gemaakt.



En dan is er Curry de Mouton à la Mauricienne.

       Een langdurig gemarineerd gerecht van gestoofde lamsbout, waarvan de chef-kok mij desgevraagd het recept gaf.  (Krijgt u morgen)
Hierbij horen diverse chutneys.

Pommes d'Amour
Toen ik het gerecht thuis wilde klaarmaken stuitte ik op chutney de Pommes d’Amour.
      Wat waren dat eigenlijk Pommes d’Amour?
Het woordenboek gaf geen uitkomst en ook na en paar telefoontjes kwam ik er niet achter.
      Maar opeens wist ik het. Op de markt in Port Louis had ik ze in vrij grote hoeveelheden zien liggen: het waren natuurlijk passievruchten.
De chutney was goed, maar smaakte toch heel anders dan toen in dat Palm Beach hotel.
      Ook niet zo vreemd, want één van mijn vrienden wist het:
     
      Pommes d'Amour zijn gewoon tomaten!

De Chutney

 


 

De Walgvogel van de Admiraal

Zomer 1996

Wij zijn die ochtend de enige bezoekers in het scheepvaartmuseum van Mahébourg, een stadje in het zuidoosten van Mauritius. 
      Een mooi museum in een vorstelijk pand, dat daar door de Nederlanders is opgericht.
Je vindt er prachtige oude scheepswrakken, kaarten en mappen -o.a. van Abel Tasman- , schelpen , beeltenissen van Paul & Virginie, de Romeo & Julia van het zuidelijk halfrond en fossielen van vissen.
      En uiteraard zijn er reconstructies van dodo’s, het nationaal symbool van dit eiland in de Indische Oceaan.
Overal vind je souvenirs met de –vermeende – afbeelding van deze vogel, die alleen op Mauritius voorkwam.
      Een wat onbeholpen, aandoenlijke dikke vogel met een rudimentaire staart en onderontwikkelde vleugels.
De vogel die uiteraard niet kon vliegen, stierf uit in de zeventiende eeuw.
      Dat gebeurde door de activiteiten van de Nederlanders, die toen de scepter zwaaiden op het eiland.

Alice in Wonderland  

Onzin; grote onzin  

 

 

Subcategorieën

Domar: Noord Bangladesh